Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedachtig aan een uitdrukking in uw brief, dat wij hem moesten pousseeren, tgeen ik — 't spreekt vanzelf — in een gunstigen

ram< ,wees. £ 1hem OP hetgeen wij daartoe reeds gedaan hadden, en hoe zich thans de poorten van eer en roem voor hem hadden ontsloten, zoo hij bleef volharden bij zijn werk zooals in t begin, ik vermaande hem ernstig, terug te keeren, die gezelschappen met meer te bezoeken en zijn plicht te vervullen. In het eerst gat hij ook aan mijn raad gehoor; maar het duurde niet lang, of hij ging weer denzelfden weg op, die er toe leidt, ziin lichaam en geest geheel te verwoesten. Maar hij staat hier niet alleen Naar ik vernomen heb, is hier iemand, zekere mr. Berger, die zich geheel met hem bezighoudt. Wat die heer hier uitvoert, weet ik niet en gaat mij ook niet aan; maar zijn invloed op Walton deugt niet. Hij is voor hem een Mephistopheles en

heelt hem in bovengenoemde verdachte kringen geleid Maar

enhn, ik heb met mijnheer Berger niets te maken, en zoo u mii niet om inlichtingen gevraagd hadt, zou ik van dien heer gezwegen en u eenvoudig verzocht hebben, uw werktuigkundige terug te roepen, daar hg blijkbaar voor onze fabriek niet meer deugt, iets waarop ik reeds vroeger zinspeelde.... Tot zoover was ik gekomen, toen mij uw tweede brief gewerd, waarin u mij verzocht Walton niet los te laten en hem zoo mogelijk andermaal te pousseeren.

werd moeilijk voor mij; maar juist dezer dagen een schrijven van den heer Zilmanca, te Barcelona, ontvangen hebbende, waarin deze mn verzocht, hem een deskundige ter assistentie te zenden, dacht ik er aan, of zulk een verandering niet gunstig op Walton zou kunnen werken. Hij zou daar in een andere omgeving komen, en wel is waar gelegenheid vinden tot uitspatting, maar toch minder dan hier in onze wereldstad. Ik heb den heer Walton gepolst en hij heeft deze schikking goedgekeurd. Morgen reeds vertrekt hij naar Barcelona. Ik hoop het beste voor hem, want het zou te bejammeren zijn, zoo deze man voor de wetenschap verloren ging en zich zelf voor altijd ongelukkig maakte.'

Wij willen Elise eenige oogenb likken alleen laten met hare droefheid. Vrouwelijke smart heeft iets zoo hartverscheurends en tevens zooveel weemoedigs, dat de schildering daarvan niet onder het bereik der pen valt. Penseel en teekenstift schieten altijd te kort, wanneer zij zulke aandoening willen voorstellen, 't Penseel geeft te veel of te weinig, slechts het uitwendige; 't inwendige blijft onzichtbaar. Voor een dergelijke smart bestaat er geen pijnstillend middel, en daar zij niet stom kan blijven zonder doodelijk gevolg, zou de beste plaats voor haar zijn in de eenzaamheid, in een woestijn, waar geen echo haar verdubbelt, maar waar hare klacht opstijgt tot

Sluiten