Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar toe te stemmen. Hij gelooft dat er in den mensch zelf ook nog wel wat goeds ligt. Daarvoor heeft hij zijn redelijke kennis en verstand. Oppassen is de boodschap voor elk. Als hij dat ook niet gedaan had, dan was hij nu niet de man die hij was. Wat dat eerste aangaat, 't is alsof hem dat nog meer uit zijn humeur brengt. Hij zou liever gehad hebben, dat Dekema krachtig tegen Smynia was uitgevaren, in plaats van hem min of meer in bescherming te nemen, doch juist daardoor merkt hij opnieuw hoe er in hem een ander beginsel werkt dan voorheen.

„Praat er maar over heen", zegt hij, maar 't staat mij tegen, schrikkelijk tegen ook, en ik heb geen plan langer aan den leiband van Smynia te loopen".

„Maar ik begrijp je niet", is 't antwoord, „wat wil je daarmêe zeggen? Is Smynia dan misschien tegen zulk eene toelage?"

Nu merkt Jongema dat hij eigenlijk al te veel gezegd heeft. Enfin, 't is er nu eenmaal uit, en hij vertrouwd Dekema. Terwijl Aag met vrouw Jongema even naar een andere kamer gaat, om haar een paar manteltjes te laten zien, onlangs voor de kinderen gekocht, zegt Jongema : „hoor eens, je begrijpt natuurlijk heel goed, dat nu wel spoedig pogingen aangewend zullen worden om handopening te krijgen en tot het beroepingswerk over te gaan. De Kerkeraad zal, stel ik mij voor, daar niet mêe talmen, en in mijn kring zijn er, die alles wel zouden willen aanwenden om dit te beletten, in de hoop daardoor misschien een modern dominé te krijgen. En nu wil ik maar zeggen, dat ik geen plan heb aan zoo iets meê te doen. Ik ben niet orthodox, dat weet je, en ik wil mij ook niet voor iets uitgeven wat ik niet ben, maar van zulk soort dingen moet ik niets hebben. Ik wil recht door zee, en die het dan wint, die wint het maar".

Bij deze woorden gaat Dekema natuurlijk een licht op. Aanstonds begrijpt hij dat Smynia zijn partijgenoot heeft willen overhalen tot iets, waar deze voor past, en hij kent Jongema als een robuste, eerlijke man. Daarom zegt hij ook aanstonds: „'k zou van jou nooit iets anders verwachten en stel er prijs op dit te erkennen. Wat verder de vervulling der vacature betreft, het is mijn vaste overtuiging, dat ook deze zaak in Gods hand ligt en Hij ook over de gemeente van Longerga waakt. Reeds is de man aangewezen, hoewel wij hem niet kennen, die hier als herder en leeraar zal hebben te dienen en daarom

In de Branding ,<

Sluiten