Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Och wat aardig. Maar daar behoef je niet op te wachten. Hein noch Folkert zullen zoo dwaas zijn te veranderen, en als Hein op een ander jaar al trouwt, blijft de zaak daar toch gelijk, moet je denken. Diensten als daér, vindt je niet veel, vooral sinds Dekema veranderd is".

Ongeveer een uur later komt Smynia terug in de kamer. De barometer staat bij hem ook op storm, evenals het weerglas in de gang.

„Is de oude heks vertrokken ?" snauwt hij zijn vrouw toe. Vrouw Smynia zucht en zwijgt. Zij kent hem, en weet dat zij zulke tijden het verst komt met niets te zeggen. Haar stilzwijgen verbittert hem echter nog meer. Wie weet wat die vrouwen achter zijn rug nog samen hebben besproken.

„Heeft zij nog lang zitten kletsen?" vraagt hij.

„Een klein poosje" is 't korte antwoord. Meteen staat zij op om het vertrek te verlaten.

„'k Wil je alleen nog maar zeggen, dat ik van die praatjes in mijn huis niet gediend ben, en ik heb het liefst, dat je vrouw Struik niet weer inhaalt, om met haar over alles en nog wat te praten hoor!. De vrouw van „Grolda-State" moest zelf gevoelen, dat zij te hoog staat, om zich met een bolleloopster in te laten 1"^

Vrouw Smynia heeft op de tong om te zeggen, dat dan de heer van „Grolda-State" zich tenminste wel eens in acht mag nemen, maar zij bedenkt nog in tijds, dat haar woorden op dit oogenblik meer kwaad dan goed zouden doen. Zij sluit de deur achter zich toe en gaat heen.

Daar buiten buldert de wind met toenemende kracht. Het stormt niet minder in haar ziel.

Op een stoel in de pronkkamer valt zij nêer, en verbergt haar gelaat in haar schort, terwijl zij snikt: „o moeder!" 't Is het lijden van een eenzame ziel, gelijk er zoovelen gevonden worden.

Als Smynia alleen is, gaat hij naar de kast. Daar staat een flesch, en naast die flesch een glaasje. Hij heeft zoo de gewoonte er voor het eten „eentje" te nemen.

Ditmaal mag er wel een extraatje over heen. 't Is zoo koud daar buiten. En hier in huis is het ook koud. Vanzélf, de bitter is al weer op. En de flesch waarempel al weer half leeg. Op wil het wel. Nu, dan maar wat klare. Warm op de maag. Daar gaat hij. Lekker hoor l

Sluiten