Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IDEALE».

1UI

W. S., THEOL. STUD.

Wat gij in uw liefste droomen Ooit uw God hebt afgebeên, 't Kerkje tusschen lindeboomen,

't Vroolfjk landschap om u heen ; Velden, die van welvaart ruischen, 't Rookwolkje uit de bonte kluizen,

Al de liefde van dat oord:

Op uw avondwandelingen Kleinen, die zich om u dringen, Grijsaards,luistrend naar uw woord.

1847.

Laat die toekomst-idealen,

Van Gods zegen overstort,

Steeds uw weg, uw hart bestralen, Waar het somtijds donker wordt; Zoo geen vriendlijke aangezichten Meer 't gezellig pad verlichten,

Eens met bloemen overspreid, — Zoudt gij schromen, zoudt gij vreezen ? —

Mag de weg niet eenzaam wezen, Die u naar uw dorpje leidt ?

UIT MIJN DAGBOEK.

Daar zijn in 't leven van die vriendelijke dagen,

Die ons de koude borst verwarmen door hun gloed, Den hemel brengen in het zoekende gemoed,

Die allen twijfel, allo donkerheid verjagen,

Die ons verjongen, ons vervoeren van genot, Den sluimerenden droom des harten doen ontwaken, Ons nader voeren tot geloof en hope en God,

En bijna weer tot kindren maken ;

Wanneer geen wanklank in ons hart dringt of ons huis, Ons oog alleeni<j rust op troostende aangezichten, Als heldre blikken ons in de eenzaamheid verlichten,

Als 'tkind de woning vult met feestelijk gedruis; Als we in de buitenlucht eens zuiver ademhalen, En wandelen in geur en kleur, in lucht en lied;

Als we in de zoete scheemring dwalen,

En de armen strekken naar een beeld, dat niemand ziet!

O buiten, buiten gaat mijn hart zoo heerlijk open En geurt en bloeit en zingt met bloemenhof en woud: Ik beu gelukkig als een kind en dwaas en stout, Ik durf weer veilig van het leven alles hopen!

Het morgenkoeltje waait mijn opgeruimden geest Zoo yroolijk wakker met de bloemen in de dalen! Mij kwelt een kwaal, die slechts van rozengeur geneest, Een heimwee naar de iuoht en zuivre zonnestralen!

Sluiten