Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die voor zjjn ergernis bij u verluchting zoekt,

Die graag aan zotten geeft wat zotten is verschuldigd,

Maar naast de waarheid liefst de ware grootheid huldigt.

cxv.

En dies, o sprekend beeld van Neerlands glorie-eeuw, Eerwaardig ridderkruis van onzer vaadren Leeuw,

Gegroet op 't ridderhart vol eedlen gloed, vol zaden Van licht en vrijheid en van mannelijke daden I

Gegroet op de eedle borst waardoor Gods adem ruischt Die van welsprekendheid of reine zangen bruist;

Gegroet op do uwe, o trouwe kunstnaar, die de renten Uw tijd, uw volk betaalt m«t godlijke talenten 1 """cxvi.

'k Heb lief dat eermetaal op 't onverschrokken hart Des .jongen helds, die 't kocht met moed, met bloed, met smart 1 En op de bravo borst der burgers, die hun loven,

Hun rust of hun fortuin, hun land ten beste geven,

En op het wambuis van den zoon der Industrie....

W aar maar een harte klopt, een vonk gloeit van genie! O, Vorsten! wat noch goud noch zilver kan betalen,

Doe uw verlichte gunst uw volk in de oogen stralen 1

cxvu.

Maar als in de eeuw des lichts Cotin en Trissotin,

Vadius, Prullius, Quibus, George Dandin,

Harpagon, Pourceaugnac, le marquis Mascarille, Le Uourgeois-Gentilhomme et les sots en familie,

Tartufie en Don Juan en weet ik wie of wat.

Trots de eêlsten, meê verkondt: Virtus nobilitat 1

Dan ö dan trilt in 't graf Molière's tkil gebeente"

En draait zich rammlond om in 't verre lijkgesteente I CXVIII.

Dan zou men schreien, neon, maar lachen, lachen dat Het als een donder klonk door deze dwaze stad,

Dan dan vergeet een knaap zijn achttien jonge jaren,

Zijn onbezorgd geluk, zijn vriendelijke snaren,

Dan grijp ik, (want helaas, geen wijzer kwam mij voos) Een groot karikatuur bij 'tellan» ezelsoor,

En zeg hem in 't gezicht dat Neerlands echte zonen Niet buigen, nu noch ooit, voor zulke lauwerkronen I

exix.

Helaas, ik zeg misschien de waarheid — als een kind'

Maar 'k ben Goddank zóo dom, zo'> ijdel niet, zoo blind.

Dat 'k ooit een eenig mensch zal om zijn knoopsgat eeren:

Doch lust het u, als mij. de kwestie om te koeren.

En vraagt gij : of ik, om een groot er. eerlijk roan,

Sluiten