Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1850.

Ach ! een aaklig kerkhof zijt gij thans;

üg elk dorrend bloempje van uw krans iJgt een liefde, een vreugd, een droom begraven.

DEMON.

Een duiveltje springt rond-end'-om in mijn hart,

ften duiveltje, ach, dat mij fopt en mij sart, Een hatelijk knaapje,

Een kittelig aapje,

i'at spot met het liefste, dat grijnst en grimast.... De bron van mijn gruwlen, mgn demon, mijn last.

jfwrnis liefde tot schreien mij dwingt, Als bijkans een traan bij uw lied mij ontspringt, Dan «et hij daar binnen , Zijn leelijke zinnen

Op t speuren van dwaasheên in 't roerende lied....

- iyn ei£ene verzen .... hij spaart ze mij niet!

Als somtijds een zaak van belang, van gewicht, ten droevig beioek of een neetlige plicht,

Van ctjfren en rekenen,

Bediatfen en teekenen.

Mi) voert tot een ernstig of deeglijk gesprek — Dan plooit hjj een lach... van mijn deftigsten trek.

al® jk te-met, in een bui van berouw,

Geleerdheid — «la krone des leveng beschouw, En 't licht m|j gaat schijnen ' Uit grauw# kwartijnen Voi phiiaende noten, dan schudt hij het hoofd,

zegt dat hfj niets ran die grappen gelooft.

Hjj spot roet uw goedheid, geiegende vriend!

ttf vraagt of.... wien denkt ge?.... mijn achting verdient £n als er een steekje

- _ Moeht los zijn aan t preekje

rSf . 1lleeln,t hlJ mÜn stichting, mgn vreé,

Die leeigke Duivel, vaak lachende mee.

j* «P™ek van een dnivelsche smart *ngp* hg, dan bjjt hfj mn diep in het hart, Dan knort hij, dan blaast hij, Dan grinnikt en raast hp,

7~ maakt dat ik nurksch en, wreeder 'dan wreed. Al plaag wat ik liefheb en lach met hun leed!

Sluiten