Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Geen •weer gestolen is uit Jonckbloet's geestig boek, Relaên met Funri's dank en 's Gravenhuge's vloek,

Die weer gestolen heeft, waarschijnlijk van een ander, Waaruit gij leeren kunt: mijn broeders, helpt elkander!

xv.

Maar 'k heb u straks beloofd niet telkens af te dwalen, En zou u, naar ik meen, dien keur'gen brief vertalen.

'k Moet eerst nog zeggen, dat daarin Mariës naam Niet stond vermeld, en hij voor alle meisjes saam,

Die zich verbeelden mooi en blond te zijn, geschikt was, Schoon hij in eer en deugd op ééne maar gemikt was.

xvl.

Toch waant niet, dat ik aan do letter nu wil hangen,

lk ben geen letterknecht, mot afgevaste wangen,

Geen lange, dorre staak, geen taaie knutslaar, dio Zijn zaligheid verwacht van 't puntjen op een i!

Ook zweer ik u, dat nooit mijn vroolijke oogen knipten Van 't turen op in 't Griekseh gekrabde manuscripten.

XVII.

Do geest, de geest alleen maakt vrij! de doodo lettor Doemt u tot slaven! Ziet den suffen letterzetter,

Of, wat mij 't zelfde dunkt, den ouden kamerrot, Dio perkamenten kauwt, en in wiens geest de mot, (Het vliegje dos verderfs,) als in zijn boeken huishoudt,

Wiens vunze lettertaal geen reedljjk mensch voor pluis houdt.

XVIII.

De geest dan van den brief mijns jonkers was poëtisch, En meer dan 't lied, dat ik u debiteer, pathetisch.

't Was aaklig, schreef hij, voor een jong en minnend paar, Altijd omringd te zijn van heel een Argus-schaar, En immor, waar men school in 't liefst en donkerst laantje, Een blik te duchten — 's nachts had men alleen het maantje.

xix.

»Ecn reino liofde minde een zalig têto-4-tête,

Rien d'aussi tendre ot pur, qu une flamme socrète,

Niets zoo welsprekend als de stilte; niets zoo kuisch Als de adam van den nacht on 't westewindgesuia 't Stond goed, den starren slechts, don heiligen flambouwen, Het eerst en zoetst geheim dor liofde te vertrouwen..

xx.

Et caetral 't kwam er op. dat hij een rendez-vous vroeg: l'/n -/(Mi wel */!pn straks, hoeveel kusies hii noar toevroeff I)

s Nachts — 't was toch niet to koud ? — 's nachts om een uur of twe®, Vóór op 't balkon, — prudonce — araour — fidélité I

Sluiten