Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoomin als petrografie wetenschappen zijn, die uitsluitend uit boeken kunnen worden geleerd. Iemand met een goed geheugen kan het wel zoover brengen dat hij van alle in de volgende bladzijden beschreven mineralen en gesteenten de opgegeven eigenschappen uit het hoofd kent; neemt hij echter daarna voor zich zelf een proef in hoeverre hij het geleerde kan toepassen, zoo zal hij spoedig genoeg zien dat hij in vele gevallen de plank mis slaat. Daaruit volgt evenwel niet dat de kennis dier eigenschappen kan gemist worden; zij is integendeel zeer noodzakelijk doch men leere ze voornamelijk door de praktijk.

Daar de in dit boek behandelde mineralen en gesteenten (met slechts een paar uitzonderingen) alle behooren tot de veelvuldig voorkomende, kan men zich voor betrekkelijk weinig geld bij een der mineralen-handelaars een volledige collectie er van aanschaffen en dit is zeker de beste wijze om in den kortsten tijd er mede vertrouwd te raken. Aan ieder, die het ernstig met de studie meent zij deze weg aangeraden.

EERSTE GROEP.

mtik.i: mvKitai.i<: v § 31. A. Ertsen der edele metalen.

1. GEDEGEN GOUD.

In soms zeer fijnen toestand in kwarts op gangen; niet zelden in pyriet. Dikwijls echter als stroomgoudafzetting met kwarts, magneet-en titaanijzererts, tinsteen, rutiel, wolframiet, tormalijn, diamant en andere zware mineralen.

V. blaadjes en korreltjes, ook kristalgroepen die boomachtige figuren vormen, ook mosachtig, haarvormig.

Snijdbaar.

H. 2 7»—3.

SG. 16—19.

KI. geel.

Ch. lost in salpeterzuur niet op, wel in een mengsel van één deel sterk salpeterzuur en drie detlen sterk zoutzuur (koningswater) en geeft dan een heldere gele oplossing. Met wat kwikzilver samengewreven lost het daarin geheel op; door verhitting van het kwik verdwijnt dit en blijft het goud achter.

Sluiten