Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gedeeltelijk zijn de veldspaten monoklien, gedeeltelijk triklien; de eerste worden orthoklaas genoemd, terwijl de laatste alsplagioklaas worden samengevat; zij treden hetzij te zamen, hetzij afzonderlijk in de gesteenten op. K. ofschoon de zeer interessante kristalvormen der veldspaten in dit werk natuurlijk niet uitvoerig kunnen behandeld worden mogen de volgende korte opmerkingen een plaats vinden.

De gewone vorm van den orthoklaas is diktafelachtig; lange zuilen komen bij de grootere kristallen niet voor. Een der gewoonste vormen is in fig. 69 afgebeeld. Niet zeldzaam zijn tweelingen, die op verschillende wijzen zijn verbonden. Een der eigenaardigste en o. a. in sommige trachieten (§ 88) in groote individuen aanwezige is die van lig. 70, de zoogenaamde carlsbader tweeling.

De orthoklaas, die in de jongere vulkanische gesteenten( § 88, 89) optreedt, is meest vrij sterk gescheurd (glasachtig) en heeft een afzonderlijken naam verkregen: sanidien.

De trikliene veldspaten of plagioklazen (waarvan oligoklaas, labrador en anorthiet de onderscheidene soorten zijn) kenmerken zich tegenover de monokliene door een sterke neiging tot het vormen van veellingen (meervoudige kristallen) die samengesteld zijn uit een soms zeer groot aantal dunne kristallen, zooals fig. 7 § 10 aangeeft. Wordt zulk een kristal loodrecht op hel breede vlak gebroken of gesneden, dan ziet men op de doorsnede een fijne streping, gewoonlijk trikliene streping genoemd.

T oor het onderscheid met het blonte oog of met de loupe der beide veldspaatgroepen in een gesteente is deze streping van het grootste gewicht (§ 83). Bij de monokliene veldspaten kan hoogstens één dergelijke streep voorkomen.

Intusschen worde hier onmiddellijk opgemerkt dat ook bij de plagioklazen de trikliene streping niet behoeft aanwezig te zijn. Dit kan het gevolg daarvan zijn dat óf slechts een enkelvoudige tweeling is ontstaan, óf dat het kristal in een andere richting b. v. evenwijdig aan het breede vlak is gebroken. In het laatste geval is natuurlijk in het geheel geen streping zichtbaar.

Het in vroeger tijd gemaakte scherpe onderscheid tusschen oligoklaas, labrador en anorthiet wordt tegenwoordig van weinig waarde geacht, sints het gebleken is dat deie soorten dikwijls in elkaar overgaan.

KI. kleurloos, wit of zeer licht gekleurd (vooral rood en groen).

H. 6.

G. glasglans, op de splijtvlakken paarlemoerglans.

58. DE PYROXEEN-GROEP.

Hiertoe behooren verschillende mineralen. De meest voorkomende varieteit

Sluiten