Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op het gezicht doen; hoofdzaak is dat tusschen de verschillende afstanden geen te groote wanverhouding ontstaat.

Het oude eindpunt wordt dan het beginpunt van den tweeden afstand, die op dezelfde wijze wordt behandeld. Wij zullen die afstanden, evenals bij een werkelijke meting, slagen noemen.

ïk heb altijd de methode gevolgd voor eiken slag in de beschrijving een nieuwen regel te nemen; men heeft dan bij hel maken van eenige aanteekening nooit te vragen op welken slag deze betrekking heeft.

In den aanvang kan men voor alle zekerheid de slagen nummeren en dan natuurlijk zoowel in de schets als in de aanteekeningen; bij eenige oefening kan men dit gerust nalaten.

Waar een riviertje het voetpad snijdt wordt dit in ongeveer de ware richting ingeteekend en hel benedenstroomsche uiteinde van een pijltje voorzien om de stroomrichting aan te duiden. In den tekst zet men tevens de naam en de breedte en zoo mogelijk ook andere gegevens b. v. waar zij ontspringt, in welke rivier zij uitmondt enz. Hel best is altijd het kompas even te houden in de richting van den zichtbaren slroomloop; zoodoende voorkomt men vergissingen die b. v. gemakkelijk ontstaan als men in ongeveer zuidelijke richting loopt, omdat dan de rivier in de schets juist naar den tegengestelden kant loopt als men in de werkelijkheid ziet.

Er kunnen zich nu bij het beloopen van een weg verschillende gevallen voordoen, b. v.:

a. het is een groote weg; rijweg, hoofdverkeersweg enz.; — in den regel bestaat deze uit voornamelijk rechte gedeelten en kronkelt zich ten minste niet al te veel; — men kan dan de bovenbeschreven methode geheel volgen;

b. het is een gewoon voetpad; men kan hier dikwijls met meer succes een andere wijze van opneming inslaan. Dikwijls zal men hierbij, vooral in boschterrein, last hebben van een groot aantal zeer kleine kronkelingen, die niet alleen het telkens waarnemen bemoeilijken maar ook de teekening zeer onduidelijk maken. Men neuie op zulke wegen voor den afstand van 100 pas in de schets een grootere lengte b. v. + 5 millimeter, neme aan het begin van elke iOO pas de richting van het weggedeelte dat men vlak voor zich ziet en teekene deze aan (op de schets door een streepje in die richting van 5 m.m. en in den tekst door de notatie b. v. N 20 0 zonder meer). Men maakt op deze wijze geen grootere fouten dan door bij elke richtingsverandering deze waar te nemen en het is veel eenvoudiger.

Het kan gebeuren dat men op zulke voetpaden op eenigen afstand een

Sluiten