Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeilijkheid zal ondervinden ten aanzien van in gestichten geplaatste kinderen. In de memorie van antwoord is gezegd, dat het van zelf zou spreken dat bij eene inrichting ter verzorging van kinderen, in den regel de directeur de in de eerste plaats aansprakelijke persoon zou zijn, wat men alleen dan juist achtte, wanneer de directeur met het beheer der inrichting belast is. Gestichten worden echter gewoonlijk beheerd door een college van regenten. De leden van dusdanig college zullen in den regel kunnen aantoonen, dat eene gepleegde overtreding buiten hun toedoen is geschied en dan ingevolge art. 51 van het Wetboek van Strafrecht niet gestraft kunnen worden. Wel kunnen zij bij overeenkomst de zorg voor het doen bezoeken der school aan een bepaald persoon opdragen, maar tot het sluiten van zoodanige overeenkomst zijn zij niet verplicht.

De Minister beantwoordde die vraag bij de memorie als volgt: „Of de regenten, die wettelijk voogden zijn , oefenen zelf rechtstreeks het beheer uit ,öf zij hebben iemand onder een of anderen titel onder hun toezicht met het dagelijksche bestuur belast. In het eerste geval is het niet denkbaar, dat de overtreding buiten toedoen van ieder der regenten gepleegd zou zijn; in het tweede geval is de aanstelling van den directeur en zijne aanvaarding van die betrekking de met de voogden gesloten overeenkomst, waaruit zijne verplichting, om voor het onderwijs te zorgen, voortvloeit."

Art. 2. Onder lagere scholen, bedoeld in artikel 1, worden verstaan alle scholen voor lager onderwijs, hetzy openbare, hetzij bijzondere, waar onderwijs wordt gegeven in de vakken, vermeld onder a—h in artikel 2 der wet tot regeling van het lager onderwijs.

Het schoolbezoek wordt geacht geregel d plaats te vinden, indien gedurende twee achtereenvolgende maanden niet meer dan twee schooltyden zonder geldige reden worden verzuimd.

Sluiten