Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ledig en onvruchtbaar, nu maakt God haar door Zijn Woord vruchtbaar. Wan;., ofschoon ze reeds bestemd was tot het voortbrengen van vruchten, moest ze toch ledig en ontbloot blijven, totdat uit Gods Woord nieuwe kracht uitging. Want ze was niet van nature geschikt om iets voort te brengen, noch ontstond eenig uitspruitsel van elders, zoolang niet de mond des Heeren zich opende. Want, wat David verkondigt van de hemelen in Ps. 33 vs. 6, moet ook tot de aarde worden uitgestrekt, n.1. dat ze door het Woord des Heeren is gemaakt, en door u.Jh Geest Zijns mi.nds versierd en toegerust. Dat kruiden en b'oomen voorts geschapen werden vóór de zon en de maan, gebeurde niet toevallig. Thans zien wij, dat de aarde door de zon wordt opgewekt, om hare vruchten voort te'brengen. Deze gang der natuur, dien God later heeft geordend, 'ivas' God niet onbekend. Maar opdat v" zouden leerén, dat alles afhangt van Hem, zoo heeft Hij toen aan zon en maan geene werkzaamheid opgedragen. Hij leert ons hiermee de kracht kennen, die Hij hen instort, en de wijze, waarop Hij van haren dienst gebruik maakt.

Maar omdat wij gewoon zijn, datgene, wat zij van elders hebben ontvangen' tot hunne natuur te rekenen, zoo was het noodzakelijk, dat de kracht, die zij thans aan de aarde schijnen te geven, ontstond, voordat zij werden geschapen. Wij stemmen "wel toe, dat door het Woord de eerste oorzaak op zichzelf kracht genoeg bezit, en dat-de middellijke en kleinere oorzaken slechts zooveel kracht hebben, als zij daaraan ontleenen. Metterdaad doen wij echter; alsof God hulpeloos en stom zou zijn, indien Hij niet door deze werd geholpen.

Ja, hoe weinigen klimmen hooger op dan de zon, als het gaat over de vruchtbaarheid der aarde. Dat wij zeiden, dat God met opzet zoo heeft gehandeld, was daarom meer dan noodig. Aldus toch kunnen wij uit de volgorde der Schepping zelve leeren, dat God handelt door de schepselen, niet als vreemde hulp behoevende, maar omdat Hem zulks behaagt.

Wanneer Hij zegt: „de aarde schiete kruid uit, dat zaad voortbrengt, geboomte, dat zaad bevat", beteekent dit, dat hier niet slechts kruiden en boomen geschapen zijn, maar aan beide mede ook de ingeschapene kracht tot voortteling is gegeven, opdat de spruit zou blijven bestaan. Dat wij dus dagelijks de aarde uit haren schoot ons zoovele rijkdommen zien schenken, dat wij de kruiden zien zaad schieten, en dit zaad in het bin-

Sluiten