Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

21. En alle vleesch, dat op de aarde wremelde is gestorven, zoowel van 't gevogelte als van het gedierte en het vee, en van alle kruipend gedierte, dat kruipt op de aarde, en van alle menschen.

22. Alles, in welks neus was een adem des geestes des levens, van alles, dat op het drooge was, is gestorven.

23. En hij verdelgde al het levende dat bestond, dat op den aardbodem was, van den mensch tot het vee, tot het kruipend gedierte, en 't gevogelte des hemels; en zij zijn verdelgd van de aarde, en slechts Noach bleef over en die met hem in de ark waren.

24. En de wateren hadden de overhand op de aarde honderd en vijftig dagen.

1. En de Heere zeide tot Noach. Bij mij is er geen twijfel aan, of Noach is meermalen door herhaling der Godsspraken versterkt, waar dat noodig was. Reeds had hij gedurende al die honderd jaren de grootste en geweldigste aanvallen doorstaan, en als een onoverwonnen worstelaar had hij reeds de merkwaardigste overwinningen behaald, maar dit was de heftigste strijd, de wereld vaarwel te zeggen, en zich uit het gemeenschappelijke leven terug te trekken om zich in de ark te verbergen. Het gelaat der aarde was toen nieuw, want Mozes duidt dien tijd van het jaar aan, waarop het kruid begint te groenen en de boomen beginnen te bloeien. De winter was voorbij, die met zijne ruwe en scherpe koude het aangename uiterlijk van hemel en aarde doet verdwijnen. Als het tijdstip om de wereld te verderven kiest de Heere juist het lentejaargetijde. Want Mozes verhaalt, dat het begin van den zondvloed geweest is in de tweede maand. Nu weet ik wel, dat de gevoelens daarover uiteenloopend zijn ; want er zijn er, die het jaar laten beginnen als dag en nacht even lang zijn in den herfst, maar de meest gebruikelijke wijze om het jaar te regelen is, dat men aanvangt met de maand Maart. Doch hoe deze zaak ook zij, het was geene lichte beproeving voor Noach, om het leven waaraan hij gedurende zeshonderd jaren gewoon was, uit eigen beweging te verlaten en eene nieuwe levenswijze te zoeken in den afgrond des doods. Hij krijgt bevel om uit de wereld te verhuizen, en te gaan wonen in een 13

Sluiten