Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 29. Begrip Wij moeten hierbij voor oogen houden, dut Ned. Indié, 1 Indisch inge- hoewel deel uitmakende van Nederland, toch door eene geheel 'enschap.Neder-aprt]te wetgeving beheerscht wordt en in dit opzicht een min 'derschap- of meer afzonderlijk en op zich zeil staand geheel vormt. Eene Ned.-Indische nationaliteit bestaat niet; daarentegen heeft het Indisch ingezetenschap alhier meer beteekenis dan het Nederlandsche in het moederland. De meeste rechten en verplichtingen die aldaar aan de Nederlandsche nationaliteit vastgeknoopt. zijn, worden hier aan het ingezetenschap verbonden. Vreemdeling heeft hier dan ook de beteekenis van niet-ingezetene. Wel is waar wordt t. a. v. Nederlanders in dit opzicht eene uitzondering gemaakt, in zooverre dezen nooit als vreemdelingen worden beschouwd (zie a. 5 A. 15.), maar dit neemt weg, dat zij, geen ingezetenen zijnde, in werkelijkheid vrijwel in denzelfden rechtstoestand verkeeren als alle andere nietingezetenen ').

n Het Ontw. Swb. I. voert een nieuw begrip in, nl. dat van ,,Nederlandseh onderdaan", d. i. ieder die in eem Nederlandsche kolonie geboren is uit aldaar gevestigde ouders (a. 80 Ontw.)

De omschrijving van dit begrip is niet nieuw; immers, de hier bedoelde personen worden als Nederlanders beschouwd ten aanzien der uitlevering ver"1 32.) Vóór onze nationaliteitswet van 1892 waren nl de hier bedoelde personen Nederlanders volgens art. 5 Ned. B. W. Bij de wet op het Nederlanderschap enz. (Ned. Stbl. 1892 No. 268) werden zij met meer onder Nederlanders begrepen. Maar t. a. v. hunne intlevenng zouden zij nosr als zoodanig gehandliaatd blijven; weshalve de Nederlandsche uitleveringswet, zoowel als de Indische uitleveringsverordening zoodanig werden gewijzigd, dat voor de toepassing daarvan de in de kolomen uit aldaar gevestigde ouders geborenen als Nederlanders zouden blij \ en

hcK'liiillW'd

Men vergat hierbij echter één ding, nl. data. 9 Ned. B. W. — bij de wet o. h. Nederlanderschap ingetrokken — de bepaling inhield, dat deze personen hun Nederlanderschap verloren door blijvende vestiging buitenslands. Men vergat m. a. w. de „geboorte in de koloniën uit aldaar gev. ouders te verbinden niet het ingezetenschap in Nederland of de kolomen. Zoodat bv. een chinees of arabier, in Indië uit aldaar gevestigde ouders geboren t. a. v. ziine uitlevering steeds als Nederlander moet worden beschouwd, ook al' luid hij sedert tientallen van jaren zich buiten Nederland en zijne koloniën gevestigd. Zoo iemand zou volgens het Ontw. Swb. 1. ook al maar door als „Nederlandsch onderdaan" beschouwd moeten worden.

Noodzakelijk is het dus, in de bestaande uitleveringsbepalmgen in Nederland en hier, en in a. 80 Ontw. Swb. I. bovenbedoelde omschrijving aan te vullen met deze of dergelijke woorden: voorzoover ssij < hij» vol8'e"s de Nederlandsche wetten ingezetene(n) van Nederland, ot volgens Ned. Indische bepalingen ingezetene(n) van Ned. Indië zyn (ik), verg. t, «>-, noot. Men vergete hierbij niet, dat vestiging alléén over het algemeen iemand nog niet tot ingezetene maakt, ook in Nederland met.

• tl • .i i

Sluiten