Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

baar maken), geen straf is, maar een politiemaatregel, zagen wij reeds in de vorige paragraat: vandaar, dat dit zelfs bij vrijspraak kan worden bevolen.

Op hetzelfde deliet worden nooit twee of meer der 7 zwaarste hoofdstraffen tegelijk gesteld; wèl kan elk van deze 7 straffen tegelijk met geldboete wegens eenig delict worden bedreigd, hetzij^t^Wr^i^faT^rnatief, 4mar ^lang l.H woordje t'4ir-ikui..»e.l het woordje r>/'gebruiki - rsr ')

De bijkomende straffen mogen nooit afzonderlijk worden uitgesproken; zij kunnen, waar zulks is voorgeschreven, door den rechter worden opgelegd tegelijk met een hoofdstraf; de rechter is daartoe slechts verplicht, in geval zulks uitdrukkelijk is bepaald.

Wij zullen thans elke soort van straf aan eene nadere beschouwing onderwerpen, en beginnen met:

A. De doodstraf.

% n n , „ Deze wordt door den scherprechter uitgevoerd op een schav' Ue dood- i t i

slr»'. vot, dool' den veroordeelde met eenen strop om den hals aan

eene galg vast te maken, en een luik onder zijne voeten te doen wegvallen (a. 12 Stwb. I.)

Hoewel voor Inlanders nergens voorgeschreven, werd de schavotstraf, tot vóór korten tijd, in het openbaar voltrokken. Ten onrechte meende men, daardoor de menschen van het plegen van zware misdaden af te schrikken. Men heeft de laatste jaren evenwel ingezien, dat de openbaarheid eener terdoodbrenging hoegenaamd geene afschrikkende werking heeft; vele toeschouwers schenen zulk eene strafvoltrekking zelfs als eene publieke vermakelijkheid te beschouwen; onder die toeschouwers vormden vrouwen en kinderen meestal de meerderheid. Zulk eene openbare terdoodbrenging werkt derhalve in alle opzichten verkeerd, ƒ Vandaar dat thans bij cir- u*Laculaire van Mei 1907 door den Directeur van Justitie bevolen 4 u.

is dat alle schavotstratten aan Inlanders hetzij binnen de^Q^c*w> gevangenis, hetzij daarbuiten binnen eene omheinde ruimte ^ voltrokken moeten worden.

Volgens art. 311 I.R. kan de rechter nl. bij de oplegging der

') Geldboete vormde volgens Bepp. 8wg. eene bijkomende straf.

Sluiten