Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§48. Hervorming Sedert 1905 is men begonnen, in de wijze van tewerkstelling van de wijze van dwangarbeiders zoodanige wijziging te brengen, dat van hun tewerk-steiimg. ar|)ej([ beter dan tevoren profijt getrokken kan worden. Daarvoor was het noodig, zooveel mogelijk de verspreiding der gestraften te voorkomen, tot welk einde in 1905 art. 10 Sbw. I, dan ook zoodanig werd gewijzigd als in noot 2 van blz. 52 aangegeven. Tegelijkertijd onderging art. 3 Ov. Swb. I. eene wijziging in dezen zin, dat voortaan, in afwachting van de definitieve regeling bij ordonnantie, de straffen van dwangarbeid en krakal niet meer „op de thans (d. i. in 1873) gebruikelijke wijze" zouden worden ondergaan, maar op de wijze, door of namens de Regeer ine/ van Ned.-Indië voorgeschreven.

De bedoeling dezer hervorming blijkt duidelijk uit de volgende woorden der memorie van antwoord betrekkelijk de begrooting van Ned.-Indie voor het dienstjaar 1907:

„De bedoeling is dat- het gevangeniswezen zichzelf geheel zal bedruipen, dat is, dat de daarvoor vereischte uitgaven vergoed zullen worden door de opbrengst van den arbeid der veroordeelden. In hoofdzaak komt de nieuwe regeling die men wenscht te treffen hierop neer, dat een betere en rationeelere concentratie van de dwangarbeiders, aan wie niet meer dan één jaar vrijheidsstraf is opgelegd, in elk gewest afzonderlijk plaats hebbe in één groote gevangenis en hunne tewerkstelling aldaar, (in vereeniging met hen, die tot langer dan één jaar veroordeeld werden, maar niet in aanmerking komen voor militaire expedi ties en de Ombilinmijnen) hetzij bi nnen de moren der gevangenis aan voor den staat productieven arbeid (o. a. voor leger- en marinebehoeften,) hetzij in groote groepen aan omvangrijke buitenwerken. Door deze concentratie wordt de grief van het slechte toezicht op den arbeid weggenomen, want het is mogelijk gebleken met het geld, dat aan tal van inlandsehe opzichters (vrije en dwangarbeiders) werd uitbetaald, enkele. Europeesche opzichters met vakkennis voldoende te bezoldigen en zoodoende over vele gestraften door één enkelen Eoropeesclien opzichter beter toezicht te doen houden dan vroeger door verscheidene inlandsehe opzichters mogelijk was, doordat de gestraften overal op door ambtenaren bewoonde erven, langs goten en sloten en op de openbare wegen in kleine groepjes verspreid, werden te werk' gesteld.

„Om dit stelsel, toegepast hij wijze van proef', een wettigen grondslag te geven was wijziging van de artikelen 10, en 8 der Overgangsbepalingen van het Wetboek van Strafrecht voor inlanders noodzakelijk, welke wijziging bij Indisch Staatsblad 1905 no. 388 is tot stand gekomen, waardoor vrijheid is verkregen om de met minder dan één jaar dwangarbeid gestraften op één plaats binnen het gewest te coneentreeren, terwijl zij vroeger hun straf ter plaatse hunner veroordeeling moesten ondergaan.

Sluiten