Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behandeld. Nu kan het natuurlijk ook voorkomen dat iemand, die den zestienjarigen leeftijd heeft bereikt, tóch niet het oordeel des onderscheids heeft; maar dan moet abnormale geestestoestand daarvan de oorzaak zijn: ook krankzinnigen zijn niet toerekeningsvatbaar (a. 33 Stcb. I.; a. 34 OntwVandaar, dat de rechter t. a. v. een persoon beneden zestien jaar in elk concreet geval moet onderzoeken, of hij al dan niet tot het oordeel des onderscheids is gekomen, t. a. v. andere personen niet; deze zullen, indien omstandigheden wijzen op een abnormalen geestestoestand, aan een deskundig psychiatrisch onderzoek moeten worden onderworpen. Op een en ander komen wij in het volgend hoofdstuk nader terug.

Van een geestelijk-normaal, tot het oordeel des onderscheids gekomen persoon eischt de wet, dat hij hare strafrechtsvoorschriften nakomt; doet hij dit niet, terwijl hij het in zijne macht had het teel te doen, zoo kan hij worden gestraft. Hij moet het in zijne macht hebben gehad, het voorschrift na te komen; hierdoor, zagen wij reeds in liet vorig hoofdstuk, wordt het schuldrerband gevormd, en eerst diïn is de gedraging toerekenbaar aan den dader. Dit schuld verband doet zich in tweeërlei vorm voor, nl. in dien van opzet (dolus) en van schuld in enyerèn zin (culpa). Beide staan met het wilsvermogen van den menscli in nauw verband, zonder dit vermogen zon er van schuld, in welken vorm ook. geen sprake kunnen zijn.

Zooals wij weten stelt het wilsvermogen den menscli in staat, om zich geheel bewust zoodanig te gedragen, als hem het geschiktst voorkomt om een bepaalden gewenschten toestand, welke nog slechts als voorstelling in zijn geest bestaat, werkelijkheid te doen worden. Daarvoor moet men dus tot zekere hoogte in de toekomst kunnen zien, en kunnen nagaan wat vvèl en wat niet gedaan moet worden om eenig bepaald gevolg te bewerken of te voorkomen.

Een verstandig mensch zal van zijn wilsvermogen zoo goed mogelijk gebruik maken, door zich voortdurend af te vragen welke gevolgen hij moet trachten in het leven te roepen, welke hij moet zien te voorkomen. Hierbij wordt de mensch in de.

Sluiten