Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dergelijke onnauwkeurig geredigeerde artikelen hebben de juristen er toe gebracht om aan te nemen, dat gewoon opzet voor de meeste delicten niet voldoende is, maar daarvoor bovendien nog iets anders vereischt wordt, nl. de bedoeling om te misdoen. Sommigen verlangen daarvoor, dat de dader geweten moet hebben, hetzij aan welke bepaalde straf hij zich door zijne gedraging blootstelt, hetzij althans, dat zijne gedraging in het algemeen strafbaar was gesteld; anderen vorderen slechts, dat de dader zich in het algemeen van de wederrechtelijkheid zijner gediaging, ot zelfs maar van hare onzedelijkheid, bewust zij. Men drukt deze soort van opzet, gepaard met die booze bedoeling, uit door te spreken van boos opzet of dolus malus. ')

Zooals men ziet, is men het over de juiste beteekenis dezer uitdrukking niet eens. Acht men dolus malus eerst aanwezig, indien de dader blijkt de straf baarheid zijner gedraging geweten te hebben, zoo zou elke dwaling in het recht tot straffeloosheid leiden; deze meening wordt dan ook door bijna niemand meer voorgestaan. Ook de eisch van het bewustzijn der wederrechtelijkheid gaat m. i. in de meeste gevallen te ver; voldoende is het, te verlangen, dat de dader zich bewust moet zijn geweest \ au liet zedelijk ongeoorloofd karakter zijner gedraging; m. a. w. de dader moet opzettelijk iets gedaan hebben, met de bedoeling om iets slechts te doen. De muntschender in ons bovenstaand voorbeeld kan niet gezeg'd worden, die bedoeling te hebben gehad, hij valt dus niet onder art. 87 £wb. I. Tets anders zou het zijn, indien bij de muntschennis de bedoeling voorzat, om de geschonden munt als volwiclitig in omloop te brengen.

Ook bij art. 258 Sivb. /., in de vorige § genoemd, wordt het booze opzet als vereischte aangenomen, waardoor de wetenschap der wederrechtelijkheid een element van het delict wordt. Immers, indien men iemand van de vrijheid berooft in de meening dat men daartoe het recht heeft, kan men niet geacht worden, die handeling als zedelijk- ongeoorloofd te hebben beschouwd; de bedoeling om te misdoen komt in dit geval dus

') Dolo malo beteekent: met boos opzet-, b.v. hij heeft dit of dat dolo malo gedaan.

Sluiten