Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet meer over „geleide laag" en onthoudt zich wijselijk van eenige bepaling van het begrip „voorbedachte raad."

Al naar gelang voorbedachte raad aanwezig is of niet, spreekt men in geleerde termen van dolus premeditatus en dolus repentinus.

§ 9t. invloed In onmiddellijk verband met de schuldleer staat de vraag, van dwaling op de in hoeverre dwaling invloed uitoefent op de strafbaarheid. Imstraibaarheid. mers, schuld veronderstelt het vermogen, om zich van iets eene duidelijke en in 't algemeen ware voorstelling te maken, terwijl dwaling eene onware voorstelling te kennen geeft; in dwaling verkeert men nl. indien de voorstelling, die men van iets heeft, niet overeenkomt met de werkelijkheid.

Iemand, wiens geestestoestand zoodanig is, dat hij zich van eenigszins samengestelde of zelfs van zeer eenvoudige zaken geen ware voorstelling kan maken (zooals jeugdige kinderen, krankzinnigen), kunnen geen .schuld aan iets hebben. Een geestelijk vol-ontwikkeld en gezond mensch daarentegen wèl; deze kan niet alleen zich eene ware voorstelling van zaken maken, maar is daartoe in vele gevallen zelfs verplicht. Wanneer voor eenig delict slechts culpa vereisclit wordt, kan dwaling dus van geen invloed zijn op de strafbaarheid: men had er juist voor moeten zorgen, niet in dwaling te verkeeren.

Geheel anders is het bij opzet; dit is niet denkbaar zonder eene juiste voorstelling van datgene, waarop het opzet is gericht. Iets is dus dan eerst opzettelijk geschied, indien de voorstelling, die men zich van het doel maakt, overeenkomt met hetgeen in werkelijkheid gebeurt; ontbreekt deze overeenkomst, zoo verkeert men in dwaling en kan van geen opzettelijk gebeuren sprake zijn. Waar nu voor eenig delict gevorderd wordt, dat het opzet gericht zij op omstandigheid a, daar zal van het plegen van dit delict slechts sprake kunnen zijn, indien men a op het oog had, en a ook in werkelijkheid intreedt. Wanneer echter omstandigheid a intreedt, terwijl men h had gewild, of omgekeerd h intreedt, terwijl men het opzet had gericht op a, zoo zal de ingetreden omstandigheid niet als iets opzettelijks kunnen worden aangemerkt, en is bedoeld delict dus niet gepleegd. In hoeverre evenwel het laatste geval als strafbare poging beschouwd zou kunnen worden, betreft

Sluiten