Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stelsel, volgens hetwelk de duur der opneming reeds vooraf, en wel door den rechter, moet worden bepaald.

Indien het een eenigszins zwaar misdrijf betreft (met een maximum boven 3 jaar), kan de rechter bovendien gevangenisstraf als straf opleggen (doch verlicht); deze straf zal ten uitvoer gelegd moeten worden na ontslag uit het dwangopvoedings-gesticht. Evenwel kan de minister van justitie bevelen, dat de tenuitvoerlegging dezer straf wordt geschorst. Gedraagt de veroordeelde zich goed gedurende den tijd, welken hij eigenlijk in de gevangenis moest doorbrengen, zoo vervalt daardoor (en in elk geval op zijn 25ejaar) die straf; zoo niet, dan kan de straf onmiddellijk worden tenuitvoer gelegd (artt. 39bis — 3gsexties ^ 4° Vindt de rechter geen termen om een der bovengenoemde beschikkingen te nemen, zoo kan hij den jeugdigen misdadiger direct een straf opleggen, waarvoor de wet eenige nieuwe soorten van straf, die voor jeugdige personen geschikter zijn, heeft ingevoerd. Deze straf kan nl. bestaan in berisping, geldboete, of plaatsing in een tuchtschool, hetzij afzonderlijk, hetzij gezamenlijk, en bij uitzondering ook in gevangenisstraf. Of hij de eene ot de andere straf moet opleggen, hangt af van de zwaarte van het delict en van den leeftijd. Verder kan de rechter bij de straf van berisping bovendien een proeftijd stellen, en van het gedrag binnen dien proeftijd doen afhangen, of de gestrafte al dan niet bovendien in een tuchtschool zal worden opgenomen. Dit laatste vormt een geval van voorwaardelijke veroordeeling (zie artt. 3971es — 399ies).

II. Abnormale geestestoestand.

§ 100. Nor- In de eerste paragrafen van het vorig hoofdstuk is getracht 1 enabnormale om in het kort 's menschen geest te leeren kennen uit zijne Vcrrnogens. fu nctios, uit de geestvermogens; op andere wijze laat de geest van den mensch zich niet waarnemen; abnormale geestestoestand wil dus niets anders uitdrukken dan den toestand van iemand, wiens geestvermogens abnormaal zijn.

Sluiten