Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behoort het zedelijk leven des menschen te zijn? volgt onmiddellijk een tweede: Hebben wij hiervoor den maatstaf in ons zelve of hebben wij naar Gods wil te vragen?

Nemen wij het eerste aan, dan gaan wij wijsgeerig uit van het zedelijk bewustzijn van den mensch, waaruit dan verder alles, wat op het zedelijk leven betrekking heeft, moet worden afgeleid.

Nemen wij evenwel het tweede aan, dan gaan wij historisch uit van het feit der openbaring, die noodig is geworden, doordat de zonde het zedelijk bewustzijn heeft verduisterd en verzwakt. Dit is het Christelijk standpunt, waarvan alzoo dit het eigenaardige is: De erkenning dat alleen God als onze Schepper en het volmaakte Wezen bepalen kan, wat goed en recht is, hoe het behoort te zijn, omdat al het goede en rechte uit Hem is, en dat Hij ons tot zedelijke volkomenheid roept, en door de verlossing in Christus ons er ook toe brengen wil.

§ 3. Godsdienst en Zedelijkheid.

Op het standpunt der Openbaring — en voor den Christen is geen ander standpunt denkbaar — zijn Godsdienst en zedelijkheid onafscheidelijk aan elkander verbonden, en is de laatste zonder den eerste niet denkbaar en mogelijk. De ware zedelijkheid heeft haar grond in den Godsdienst, en is er de toepassing van in 't leven.

Is Godsdienst in zijn wezen leven in gemeenschap met God — zedelijkheid is gehoorzaamheid aan God. Het is in al zijn doen en laten bestuurd worden door het beginsel dier gehoorzaamheid, die door liefde gewekt en door vertrouwen mogelijk geworden is.

Hoe moet het dan worden verklaard, dat er ten allen tijde menschen gevonden zijn, die volgens streng zedelijke beginselen handelen, onberispelijk tot welzijn van anderen leven,

Sluiten