Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meer verflauwd, en had door het opgaan in de kerk het persoonlijke in den mensch, het geweten, zijne beteekenis verloren. Door de Hervorming evenwel, mede voorbereid door de Mystiek, kwamen deze voor het Christelijk leven en de Ethiek zoo belangrijke punten weder tot hun recht. Dit leven werd weder het leven van dankbare wederliefde, van den uit genade behouden zondaar, die dit leven, hoewel niet van de wereld, toch ook in allerlei kringen, ook in de wereld tot ontplooiing liet komen, en alleen aan God en zijn geweten, voorgelicht door Gods woord, rekenschap schuldig was.

Ging de Hervorming ook in drie stroomen verder, het verschil betrof geen hoofdzaak in de Dogmatiek en geen levensvraag in de Ethiek. Het betrof op Doopsgezind standpunt vooral de eed en de krijgsdienst, en op Lutersch standpunt, waarbij het Kerkelijk leven nog eenigszins aan Rome doet denken, de zoogen. collisio ofïïciorum. Misschien zou men formeel het verschil aldus kunnen uitdrukken: De Doopsgezinde wil doen, wat de Heer zegt, de Lutheraan wil behouden wat de Heer niet verboden, de Gereformeerde weg doen, wat de Heer niet ö^boden heeft. Toch kan niet ontkend worden dat over 't geheel de Ethiek van Gereformeerde zijde met meer geluk is beoefend dan van Luthersche zijde.

Doch in den loop des tijds kwam van beide zijden de Ethiek beurtelings onder den invloed van het vernieuwd Scholasticisme, waarbij zij gevaar liep te versteenen, van het Piëtisme waardoor zij begon te vervloeien, en eindelijk van het Naturalisme, waardoor zij allen grond verloor en in de lucht zweefde.

De Hervormers zelve schreven geen eigenlijke Ethiek Nicolaas Hemming was de eerste uit de school van Melanchthon. Na hem: George Calixtus, Gebhari Theod. Meier,

Sluiten