Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

baarheid voor indrukken en de behoefte om te handelen evenredig maar niet sterk zijn; kenteekenen : geduld, bedaardheid, vredelievendheid, traagheid. (Nicodemus).

Bijna nooit vindt men evenwel een van deze temperamenten zuiver, altijd min of meer vermengd. Vooral het Cholerischsanguinische, (Martha), en het Cholerisch-melancholische (Johannes), en onder alles loopt iets van 't flegmatische.

Het is nu onder den invloed der levensomstandigheden, der leidingen des Heeren, der levenstaak, der temperamenten, dat al de gaven en krachten, al de vermogens van lichaam, ziel en geest bestemd zijn om aan den Schepper te worden gewijd, zoodat 's menschen persoonlijkheid eerst dan tot volkomen vrijheid is gekomen, als hij zonder eenigen uitwendigen dwang, innerlijk vrijwillig zich geheel aan zijn Schepper overgeeft.

Geschapen naar het beeld Gods. Geschapen, dat is uit God geworden en alzoo geheel afhankelijk, maar naar Gods beeld, dat is aan God verwant, vrije zelfbewuste persoonlijkheid, geroepen tot heiligheid, met den aanleg tot heerlijkheid, en onsterflijkheid, onder de opvoedende werkzaamheid van God er toe voorbereid, maar er niet toe gedwongen; geroepen om te kiezen, met het vermogen om te kiezen, ook het kwade — dat is de mensch zooals hij uit de hand van zijn Schepper is voortgekomen, verantwoordelijk en alzoo een zedelijk wezen. En deze waarheid geeft aan de Christelijke Ethiek haar recht van bestaan, haar grondslag en hare richting.

§ 10. De gevallen Mensch.

Door de zonde is evenwel het innerlijk wezen van den naar Gods beeld geschapen mensch dermate bedorven, en de zedelijke betrekking tusschen den Schepper en het schepsel zoozeer gestoord, dat eene geheele inwendige vernieuwing, een nieuw leven noodig

Sluiten