Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijker, d. i. hooger georganiseerd zijn, dan de geest die hem heeft voortgebracht.

Van zulk een goddelijke natuurkunde en physica sacra gaat de geheele bijbel consequent uit, en geeft daaromtrent b. v. in de gelijkenissen des Heeren, beteekenisvolle wenken en uitspraken. Zij voert de natuur terug op God, als laatste oorzaak, als prima causa; zij leert dat Zijn kracht de oerkracht is, waarvan alle natuurkrachten gedeeltelijke verschijningen zijn. Zijn wet is grond en fundament van alle natuurwetten, Zijn leven bron van alle organisch en anorganisch leven, van alle leven der ziel.

Terwijl Kant in navolging van den Griekschen wijsgeer zegt, dat er twee dingen zijn die hem met bewondering vervullen, de sterrenhemel boven hem en de zedelijke wet binnen in hem, is het onze plicht beide met elkander in overeenstemming te brengen, want beide hebben hun oorsprong in een en denzelfden God. Zoolang de mensch deze waarheid ontkent, blijft de schepping voor hem zonder geestelijke beteekenis of samenhang met zijn godsdienstig leven. Hij komt op deze wijze tot den waan, van den tegenwoordigen tijd, dat voor den mensch weten en gelooven gescheiden zijn, omdat nu eenmaal de natuur in strijd is met de openbaring.

Deze eisch, gelooven en weten moeten gescheiden blijven, is niet alleen ongerijmd, zij is en blijft onmogelijk. Want de geheele wetenschap gelooft. De wiskunde gelooft aan axioma's, de scheikunde aan het raadselachtige atoom, de sterrenkunde aan de

3

Sluiten