Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in? Het antwoord, dat alleen oplossing geeft, en dat ook volkomen overeenkomt met de geheele goddelijke physica, is dat, wat reeds in het voorgaand hoofdstuk te berde gebracht is. Iedere duisternis dankt haar ontstaan aan den duivel; in den hemel zal geen donkerheid meer zijn. Waar wij ze aantreffen biengen helsche machten deze atmosfeeren mede; zij wijst op hunne tegenwoordigheid en op hun werk. Christus zegt tot zijne discipelen : „Meent gij niet dat ik mijnen Vader kan bidden en Hij zou mij meer dan twaalf legioenen engelen bijzetten? (Matth. 26 : 53) en tot zijn vijanden spreekt hij: „Maar dit is uwe ure, en de macht der duisternis" (Luc. 22 : 53).

Dat voor de aarde, zoodra zij uit haren chaotischen toestand geordend begon te worden een afwisseling van licht en duisternis werd vastgesteld toont aan, dat zij van toen aan het schouwtooneel van den grooten strijd tusschen God en Satan was. Schoon sluit zich hierbij aan de opmerking van Prof. S. Mutz: In het Hebreeuwsch vinden wij voor „avond en morgen" hereb en boker; deze woorden beteekenen zeker „avond en morgen" maar zij beteekenen ook „vermenging, verwarring" en „regeling, ordening.

(De Oergeschiedenis, Pag. 9.)

Deze goddelijke dagen hadden een ochtend, wanneer na langen nacht het licht langzamerhand weer de overhand kreeg; en zij hadden een avond, wanneer het naar goddelijk raadsbesluit aan de machten der duisternis vergund werd de geschapen wonderen te bedekken. Zoo spreken ook wij van een morgen

Sluiten