Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der afkoeling, rimpels moesten vormen, zooals wij b.v. zien kunnen op warme melk, of aan de schil van verdroogde, d. i. samengeschrompelde, appelen. Zoo vertoont elke indroogende of verdroogde droppel olie of vernis aardige heuvelrijen in miniatuur en dat

tengevolge van dezelfde oorzaken, die eens de vorming

der bergen bewerkten. In het heelal Gods wordt het

kleinste en het grootste door dezelfde wetten geregeerd.

Hoogten en diepten moesten zich vormen, die eerst, zacht afgerond meer op heuvelreeksen geleken. Naarmate echter de aardkorst dikker, harder, ruwer werd, werden ook zij hooger en ruwer, tot eindelijk deze korst niet meer zoo zacht en buigzaam was, dat zij zich aan de samentrekkende kracht onderwerpen kon. Toen ontstonden scheuren, waardoor de inwendige, vloeibare kern naar buiten drong. De tegenwoordige oppervlakte der aarde en hare verheffingen stemmen volkomen met deze theorie overeen. Buckland zegt: Om de oorsprong van het oer-gebergte te verklaren, moet men een oorspronkelijken, gloeiend vloeibaren toestand van de gezamenlijke materialen van onze aarde aannemen". Tot dezelfde slotsom kwamen natuuronderzoekers als Elie de Beaumont, de eerste geoloog van Frankrijk, Leopold von Buch en A v Humboldt; nadat zij de formaties van de aardkorst in Europa, Amerika en Siberië grondig hadden onderzocht. Het afgekoelde oergesteente vormt overal de onderlaag van de aardkorst. Eerst daarop kon zich de wereldzee vormen. Maar de geologie leert ons dat ook later dikwerf voorkomende vulkanische uitbars-

Sluiten