Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schenen en verdwenen onophoudelijk witte koppen van golven, en enkele blijvende, witte puntjes waren zeilen, misschien van Afrika komend, zooals eenmaal de lichtgevleugelde galeien van den somberen Hamilkar van Carthago naar de Liguren overkwamen. En dat alles badend in een zee van heet licht — een beeld vol vrijheid en kracht.

De wijd uitgestrekte efFene, over 't algemeen vruchtbare vlakte, bevochtigd door rivieren, die als slangen kronkelen en door rechte wegen doorsneden, grijpt den mensch veel minder sterk aan. Hier verhuist hij veel gemakkelijker. Nomaden nestelen van oudsher in de onafzienbare pampa's en steppen van Azië; zij trekken als de wolken hierheen en daarheen. Zij vragen niet vanwaar en waarheen?

De aard van bodem, rots, vlakte en gebergte is niet zonder invloed op den mensch, want Gods natuur voedt de ziel op en vormt haar. Op graniet wordt een volk hard, norsch, trotsch, niet te breidelen, strijdlustig, dapper en wreed, zooals de Spanjaard en de Bretagner; op den lichteren bodem, van krijt, kiezel en jurakalk, waar de lichte, parelende, heldere wijn groeit, wordt hij vroolijk en vat het leven gemakkelijk op, zooals de bewoner van Champagne, het Rijnland en Fransch-Zwitserland; moeras en slijk maakt den mensch lafhartig, listig, luimig, zooals de Tonkineezen en menige Chineezenstam; maar daar waar de zee steeds de zandige kust bedreigt, wordt hij taai, waakzaam, doorzettend, trouw, zwijgend en hoekig zooals de Hollander, de Fries, de bewoner van het

Sluiten