Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een ander, zoo is het ook met den Schepper. Onophoudelijk weerklinkt en rolt door het heelal het Eeuwige Woord, zonnen en sterrennevels zijn de vonken van den vuurstroom, dien de ziener zag uitvloeien van den troon van Jehovah.

Hoeveel zou Gods woord ons hebben kunnen vertellen van deze onuitputtelijke, heerlijke scheppingen van licht, vuur en kracht, waarvan elk een groote, afgezonderde persoonlijkheid, een andere gedachte Gods is. „Want de eene ster verschilt in heerlijkheid van de andere ster", (1 Cor. 15 : 41), dit bewijst ook de spectraal analyse.

Maar al had God ons nu ook nog zoo veel boeken gegeven, vol van beschrijving van al deze heerlijkheid, zoo zou dat toch niet meer geweest zijn dan een druppel in den oceaan. Een catalogus toch van de sterren, zichtbaar door groote verrekijkers, met nauwkeurige opgaaf van haar plaats, haar declinatie en ascensie zou 240 deelen bevatten! Wie zou ze lezen? En daarmede zou onze dorst toch nog niet gelescht zijn. Het doel van den bijbel is niet ons reeds hier beneden een helder inzicht te geven in deze heerlijke scheppingen des lichts, trouwens dat zou onmogelijk zijn voor ons beperkt verstand en onze onvolkomen zintuigen, iets gansch anders bedoelt de Schrift, zij wijst ons den weg waarop wij hier op aarde van kinderen der duisternis, kinderen des lichts worden kunnen, die eenmaal in het volle licht de wonderen Gods zullen aanschouwen, in plaats van in de buitenste duisternis er eeuwig blind voor te blijven.

Sluiten