Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glanzen aan den nieuwen hemel. Ook de Christen is als mensch een donkere, ondoorzichtige planeet, die slechts ten halve vreemd licht reflecteert, maar voor de andere helft in eigen schaduw en nacht begraven ligt. In het hart een donkeren gloed, samengeperst door een koude, bevriezende korst. Door de wedergeboorte wordt hij tot een lichtschepping Gods, tot een zon, wel is waar eerst nog een veranderlijke ster, nu eens helder, dan weer verduisterd door de vlekken, die zich altijd weer naar de geestelijke wetten der opeenvolging vormen, maar voortdurend en onafgebroken zich vervormend tot een verblindend witte zon waarin de elementen eenmaal gescheiden zich weer vereenigen tot de eenige oer-stof.

Sluiten