Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

korte, misschien wel houtachtige vleugels voorzien j nauwelijks minder afschuwelijk de pterodaktylus, hem nauw verwant en die geleek op een reusachtige vleermuis met zestig tanden in het groote, snavelachtige kakebeen. Het schijnt dat deze dieren zich konden bewegen in het water, op het land en in de lucht. Maar tot de vleugel, het kenmerk van den tegenwoordigen vogel, hadden zij het nog niet gebracht.

In de lei-lagen van Solenhof daarentegen, dat is dus in de witte Jura, moet men in 1862 de overblijfselen gevonden hebben van een vogel met sierlijke veeren bedekt. Men noemde hem archae opterix (oer-vogel), hij wordt thans in Londen bewaard. Maar duitsche geleerden zijn er niet heelemaal zeker van, dat men hier niet te doen heeft met het produkt van een of ander handigen antiquiteiten fabrikant.

Hoe prachtig mooi heeft zich nu ook de idee x^ogel belichaamd in duizende schoone gevederde vormen! De vogel is zeker over 't algemeen de schoonste dierenfamilie; geen enkele is vergiftigd, noch afstootend zooals de smerige larven van insecten of de pad. Ten allen tijde en overal is de mensch blij hem te zien, hem, het beeld der vrijheid. Licht gevleugeld, vrij en spelend vliegt de musch naast de snuivende, rammelende, rook uitbrakende locomotief, die er angstig op letten moet binnen haar baan te blijven en in schoone, geluidlooze, machtige vlucht steekt de duif in drie dagen den Atlantischen Oceaan over, 6000 kilometer ver. Zij behoeft daarvoor geen kolen in te nemen, en zich na de reis niet te onder-

Sluiten