Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zuid-A rnerika en de beide oceanen op zijn gemak te bezien, terwijl men zich behagelijk wiegt op de wolken in den glans van den blauwen hemel, of de polen om te reizen of zooals de albatros met machtigen wiekslag te vliegen van de Zuidzee naar Kamschatka!

Ook van de schepping, die toen ontstond, heet het: „En God zag dat zij goed was". Zoo had dan deze schepping haar doel en waarde voor God en Zijn engelen, ook zonder den mensch, zij was ook zonder hem goed. Hoe moeilijk valt het voor onze zelfzucht en ijdelheid te gelooven, dat er iets op aarde is, dat er niet is voor ons. Wij hebben immers de neiging alle wezens te waardeeren naar hunne nuttigheid en daaronder verstaan wij het nut dat zij voor ons hebben. Wij meenen stellig, dat de zeehonden bestaan om ons fraaie pelzen te verschaffen, en de walvisch om ons traan en vischlijm te leveren; en volgens onze meening zijn oneetbare visschen waardeloos, en oneetbare planten onkruid. Neen! Alles wat God schiep bestaat voor Hem en dient tot het bereiken van een groot doel. Ook deze toenmalige zee- en luchtbewoners leefden, bewogen zich en waren in God. „Deze zee, die groot en wijd van ruimte is daarin is het wremelend gedierte, en dat zonder getal, kleine gedierten met groote. Daar wandelen de schepen en de Leviathan, dien Gij geformeerd hebt om daarin te spelen. Zij allen wachten op U dat Gij hun hunne spijze geeft te zijner tijd. Geeft Gij ze hen, zij vergaderen ze; doet Gij Uwe hand open, zij worden met goed verzadigd.

Sluiten