Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tien-, twintig-, ja eens tot tachtigduizend gevangenen zoodat de beeken bloeds, de weiden ver in 't rond overstroomden! Ook voor 't aangezicht van Dschengiskhan en Pimorlenk en hun benden versmolten de volkeren; liet de laatstgenoemde niet op de puinhoopen van verwoeste steden pyramiden oprichten van menschenschedels tot 75.000 toe. Zoo vernietigden de Spaansche conquistodores geheele stammen, alleen om hun goud. En hoe ging het toe in den dertigjarigen oorlog? Ach, de wereldgeschiedenis as een bloedbad, zij druipt van bloed. En toch, het bevel Gods luidt: „Gij zult uw naaste liefhebben als u zelf."

Maar niet alleen in den verwoeden strijd, door toorn en geestdrift ontvlamd, doodt de mensch zijn naaste, schrikkelijker nog is de geschiedenis der folteringen en martelingen waarmede hij koelbloedig en met fijn overleg het evenbeeld Gods geschonden, onteerd, gepijnigd, met gruwelijken wellust langzaam ter dood gebracht heeft. Men zou boeken vol kunnen schrijven over zijn duivelsche uitvindingen in deze materie, men zou gebouwen kunnen vullen met de vernuftig samengestelde werktuigen, die hij daartoe uitvond, met de ijzeren arm- en beenschroeven, de kleine zagen, de metalen laarzen, die met kokende olie gevuld werden, de stoelen, wiegen, mantels met spijkers beslagen, de geciseleerde lepeltjes, waarmede men gesmolten lood in open wonden goot, de keurige gespleten tangen, om tongen en borsten mede in stukken te trekken, de instrumenten, die veel geleken

Sluiten