Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maak alle dingen nieuw" en naar de nieuwe en eeuwige schepping, „waar geen dood meer zijn zal, noch rouw, nog gekrijt, want het eerste is voorbij gegaan."

De Schepper zal eenmaal de groote, majestueuze gedachte in de schepping belichaamd, verwerkelijken; Hij is niet te zwak, dat Hij het niet zou kunnen. „Hij is niet een mensch, dat Hem iets berouwen zou" In Hem is alles trouw en waarheid, macht en kracht. Dan zet zijn scheppingswerk, slechts een seconde tegengehouden door Satans val en de zonde der menschen, zijn overwinnenden loop voort, door de eeuwigheid der eeuwigheden. Altijd nieuwe, altijd hoogere scheppingen ontstaan, Hem ter eere. Altijd grooter wordt het getal dergenen, die Hem prijzen.

„Alle schepsel, dat in den hemel is, en op de aarde en onder de aarde, en die in de zee zijn, en alles wat in dezelve is, hoorde ik zeggen: Hem, die op den troon zit, en het Lam, zij de dankzegging, en de eer, en de heerlijkheid, en de kracht in alle eeuwigheid! (Openb. 5:13.)

Hoe heerlijk zal dan het lied der schepping weerklinken door het heelal. Aangeheven door de ouderlingen voor den troon Gods, herhaald door de ongetelde schare der engelen, medegezongen door millioenen gezaligden op de gouden harpen, begeleid door de zeven donderslagen Gods wordt het één machtig lofaccoord: „Gij, HeereI zijt waardig te

ontvangen, de heerlijkheid en de eer, en de

kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uwen wil zijn zij, en zijn zij geschai>ex. (Openb. 4 : 11).

Sluiten