Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afbeeldsel van 't geteekende voorwerp. Teekenen was dus in zekeren zin eene mystieke creatie. Alle kunst, niet alleen teekenen, maar ook schilderen, en plastiek, heeft oorspronkelijk een magisch karakter.

Het eigenaardige wezen der Chineesche schriftteekens geeft aan de Chineesche poëzie nog eene aparte schoonheids-bekoring, die westersdhe poëzie niet heeft. De Europeesche letters zijn namelijk op zichzelf doode dingen, de Chineesche schriftteekens hebben een aparte aesthetische en symbolische schoonheid. Zooals Hans Bethge terecht zegt. 1). „Diese Dichtung wendet sich an Ohr und Auge in gleicher Weise". Bij ons, in 't Westen, is het alleen het oor, dat poëzie opneemt, in' China is het ook het oog, daar de schriftteekens, in welke zij is uitgedrukt, op zich zelf teekeningen zijn. Vooral wanneer de poëzie niet gedrukt, maar door den dichter met eigen hand geschreven- is, komt deze aparte sdhooniheid naar voren. Ieder groot dichter in China was ook een groot teekenaar van schriftteekens, zooals hij' ook meestal een groot schilder was. In de sierlijke omtrekken zijn karakters vol lichte en soepele toetsen, met plotselinge halten en bevallige bochten, stijgende accenten en langzamerhand wegkwijnende lijnen, openbaarde zich de ziel van den dichter-teekenaar. De ornamentale Chineesche schriftteekens, door een dichter neergeteekend in zijn poëzie, bevatten somtijds zijn innigste intimiteiten.

Geen wonder, dat in China het schrijfgereedschap aangeduid wordt met de uitdrukking: ,,sz' pao" d.i. „de vier kostbaarheden", n.1. het penseel, het inktstaafje, de inktsteen (om de inkt op te wrijlven), en het papier.

En inderdaad zijn het dan ook deze vier kostbaarheden, waardoor de Geest van China zitih op het schoonste heeft geuit.

x) Hans Bethge: „Die Chinesische Flöte". Leipzig. InselVerlag.

Sluiten