Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geldmakende maatschappij van thans zou dit zoo zijn.

Hoewel ten slotte de economische principes harmonieeren met de ethische, kan onder sommige omstandigheden economisch leven niet bestaan naast ethisch leven.

Een mooie illustratie hiervan geeft het volgende: *)

,,Tsz' Koeng (een discipel) vroeg eens Confucius een en ander over Regeering:

„De vereischten voor eene Regeering", zeide Confucius, ,,zijn dat er voldoende voedsel zij, voldoende soldaten, en het geloof (oprechtheid, eerlijkheid) van het volk". Tsz' Koeng zeide: „Als het nu eens niet anders kón, en een van deze dingen moest weg, welke moest dan 'het eerste weg?" — „De soldaten" antwoordde Confucius. — „En als het nu eens niet anders kón maar een van de twee overblijvende moest weg? was nu de vraag weer. — En Confucius antwoordde: „Doe dan afstand van het voedsel. Van oudsher af is de dood het lot van alle menschen, maar als er geen geloof (oprechtheid, eerlijkheid) in de harten der menschen is, is de Staat niet gevestigd."

Het woord voedsel moet hier worden opgevat als te omvatten alle economische leven; het woord soldaten alle militaire krachten; het woord geloof alle godsdienstige en ethische leven. Zelfs in déze woorden noemt Confucius het voedsel, het economische, het eerste, vóóraan, als antwoord op een vraag omtrent Regeering. Maar tóch concludeert hij, als óf 't economische óf 't ethische leven moet worden opgeofferd, tot opoffering van 't economische. Dit schijnt tegenstrijdig aan zijn eigen principe dat economisch moet 'harmonieeren met ethisch, maar tóch is er hier harmonie. In het éérste Stadium der Evolutie, het z.g. Primaire. Wan-

x) Dit voorbeeld wordt ook door Dr. Chen Huan Chang aangehaald in zijn „The Economie Principles of Confucius and his School".

Sluiten