Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wordt, is dat bij Sëmitau niet het geval. Op die hoogte moet, hoe hoog het peil der rivier ook moge stijgen, de geheele watermassa steeds door dit ééne dal afvloeien, met uitzondering van een paar bekende anastomosen. De beweging te water der inlandsche bevolking was dus van hier uit steeds met zekerheid te controleeren. Nu reeds sedert een tiental jaren de rust in de Batang-Loepar-landen geheel is hersteld en het koppensnellen aldaar volgens den wensch der Nederlandsche Regeering is nagelaten, nu ook de militaire bezetting te N. Badau is ingetrokken en een aspirant-controleur aldaar met de onder zijn bevelen staande pradjoerits het gezag handhaaft, heeft Sëmitau veel van zijn beteekenis verloren. Daarbij komt, dat de invloed van het Nederlandsche gezag onder het beheer van den resident Tromp in de Boven-Kapoewas-streek zeer is toegenomen , waardoor de behoefte is ontstaan aan de vestiging van een Nederlandschen ambtenaar meer in de nabijheid van het brongebied van de Kapoewas. Stellig zou Boenoet, de plaats waar de belangrijke en vrij sterk bevolkte Boenoet-rivier in de Kapoewas uitmondt, hiervoor het meest aangewezen punt zijn. Niet ver boven Boenoet mondt ook de Embaloeh en 10 uur stoomens hoogerop de Mandai in de Kapoewas uit. Boenoet is de voornaamste handelsplaats aan de Boven-Kapoewas en mag met evenveel recht de sleutel tot het Boven-Kapoewasgebied genoemd worden, als Sintang dit is ten opzichte van Mëlawi en Kapoewas beide. Ook is Boenoet de hoogst gelegen plaats, die ook bij lagen waterstand nog door een stoombarkas van niet meer dan 3 voet diepgang kan worden bereikt. Bij hoogen of gemiddelden waterstand is de Kapoewas voor zulke stoombootjes nog veel verder bevaarbaar en wel tot aan de monding van de Sei Mëndalam boven Poetoes Sibau, dus in het geheel over een stroomdraadlengte van 902 K.M.

Te Sëmitau was op een heuveltje niet ver van de controleurswoning een flink huis gebouwd, dat als centraalstation der

Sluiten