Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Malo-dajaks, terwijl in de kampongs meer stroomopwaarts zich ook eenige van de overigens zwervend levende Békatans hebben gevestigd.

De waterstand was laag, wat voor het opvaren natuurlijk gunstig was, maar ten gevolge had, dat reeds dicht boven Bënoewa Oedjoeng het water boven de rolsteenbanken zoo ondiep was, dat de boengs moesten worden geboomd en gesleept. Er komen hier eenige met struiken en bosch begroeide rolsteeneilanden voor, van welke Poelau Pandjang, i K.M. boven Bënoewa

Fig. 36. Dajak Kampong Bënoewa Oedjoeng.

Oedjoeng, het voornaamste is. Het is 650 meter lang, en 200 meter breed. De breedte van de rivier, die bij Bënoewa Oedjoeng 120 meter bedraagt, is dwars over Poelau Pandjang gerekend, 500 meter. Terwijl bij hoogen waterstand stoombootjes Bënoewa Oedjoeng kunnen bereiken, biedt de stroomverbreeding bij Poelau Pandjang een onoverkomelijken hinderpaal voor alle vaartuigen van eenigzins aanzienlijken diepgang. De oevers bestaan hier overal uit grint, waarop zand rust, hier en daar met veel plantenafval. Wij passeerden achtereenvolgens de Dajaksche kampongs Karam, Boekang en Bëlimbis. Even boven de laatste kampong ligt weder een rolsteeneiland, 3/4 K.M. lang, dat bij lagen waterstand met den linkeroever is verbonden.

Bij Pëndjawan hadden wij het bovenste punt bereikt van de grensstreek tusschen de Kapoewasvlakte en het bergland. Op

Sluiten