Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wederzijdsche verhouding tusschen den stand der lagen der gesteenten en der stroomrichting der rivier.

A. Lagen horizontaal.

Wijziging in de stroomrichting wijzigt het type van het dal niet.

B. Lagen niet horizontaal.

Bij wijziging van de stroomrichting wijzigt zich het type van het dal.

I. Stroomrichting loodrecht op de strekkingsrichting.

a. Lagen in open vouwen geplooid.

b. Lagen éénzijdig hellend of isoclinaal geplooid. cc. Stroomrichting komt met de helling overeen. (3. Stroomrichting tegengesteld aan de helling.

c. Lagen vertikaal, al of niet ten gevolge van plooiing.

Aard van het dal.

Indifferent dal.

Dwars dal (P). Diaklinaal dal (P).

Kataklinaal dal (P). Anaklinaal dal (P). Orthodiaklinaal dal.

II. Stroomrichting samenvallend met de strekkingsrichting. Lengte dal (P). a. Lagen in open vouwen geplooid.

oi. Rivier volgt de antiklinale as van de plooi. Antiklinaal dal (P).

(3. Rivier volgt de synklinale as van de plooi. Synklinaal dal (P).

y. Rivier volgt een der vleugels der plooi.

b. Lagen éénzijdig hellend of isoklinaal geplooid. \

c. Lagen vertikaal.

III. Stroomrichting schuin ten opzichte van de strekkingsrichting ; dit type komt bijna nimmer voor en kan steeds worden ontleed in herhaaldelijk met elkaar afwisselende gedeelten , die tot type I en II behooren.

Monoklinaal dal (P). Ortho- isoklinaal dal. Diagonaal da!.

Aard van het landschapsbeeld, of riviertype.

Tafelberg- en cafion type.

Rechts- en linkssymmetrisch.

Afwisselend naar boven en beneden al of niet symmetrisch. Periodiek di-symmetrisch type.

I In beide gevallen « en |3 Symmetrisch type A (PI. XXII), ( strikt genomen longitudinaal monosymmetrisch type.

Rivierbed afwisselend vernauwd (hardere lagen) of door zijdelingsche erosie verwijd (weekere lagen). Coulissen-type.

Naar boven- en beneden-symmetrisch.

Di-symmetrisch type. Water onstuimig. Stout rotslandschap. Di-symmetrisch type. Water rustig. Landschap liefelijk, weinig of geen rotspartijen.

| Asymmetrisch type B (PI. XXIII), strikt genomen transver* ( saal-monosymmetrisch type.

Di-symmetrisch type. Monumentaal type C.

Geen symmetrie: allerlei typen volgen in snelle afwisseling op elkander. Onregelmatig type.

Sluiten