Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de hindernissen vormen, die tot het ontstaan van stroomversnellingen en watervallen aanleiding geven. Kiezellei, jaspis en hoornsteen met radiolariën liggen evenzeer intensief geplooid concordant tusschen de lagen. Uit de onderzoekingen van Hinde volgt, dat deze gesteenten van praecretaceïschen, misschien van jurassischen ouderdom zijn. Hoewel deze gesteenten zeer gemakkelijk herkenbaar zijn en in het veld gewoonlijk sterk in het oog vallen, liet de ingewikkelde bouw niet toe met zekerheid te beslissen, of deze kiezel-leien één of meer dan één niveau in dit complex van lagen, de Danauformatie, vormen.

Deze reeks van gesteenten moet, zooals uit het veelvuldig optreden van radiolariën volgt, als een diepzee-afzetting worden beschouwd-, zij vormen de oostelijke voortzetting van de overeenkomstige formatie, die in het gebied der groote meeren een groot deel van den bodem samenstelt (zie pag. 95)-

De tweede groep van gesteenten, de grauwackezandsteen, arkose enz., moet krachtens het voorkomen van Orbitolina concava Lam. van cretaceïschen en wel zeer waarschijnlijk van cenomanen ouderdom zijn. In tegenstelling met de vorige groep hebben wij hier met een afzetting te doen, die in de nabijheid der kust moet zijn ontstaan. De afzettingen zijn grof, de banken dik, en de koolsnoertjes in den zandsteen verraden de nabijheid der kust. Ook elders in West-Borneo, nl. in het Sëbëroewangdal, komt Orbitolina concava, zooals wij later zullen zien, in soortgelijke afzettingen voor, die als kustafzettingen moeten worden beschouwd. De lagen van deze groep van gesteenten zijn ook nog wel veelal steil opgericht, maar toch veel geringer onder den invloed der bergdruk geweest dan de vorige. Waarschijnlijk was de werkzaamheid der bergvormende krachten reeds aangevangen, toen deze cretaceïsche sedimenten in de nabijheid van de zich verheffende kust werden afgezet, en zijn zij bij voortduren van het vouwingsproces hier en daar in de jurassische sedimenten ingeplooid, waarin zij nu troggen vormen.

Of de nagenoeg horizontaal liggende grauwacke en arkose, die in de nabijheid van en op de grensscheiding tusschen West-

Sluiten