Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schuiten met levensmiddelen, in hoofdzaak rijst, zout en gedroogde visch, de Mëlawi op, met den last de proviand te stationeeren te Na. Gilang en daarna met twee schuiten en een kleine hoeveelheid rijst de Kërëmoei, een rechterzijtak van de Mëlawi, op te roeien tot Kwala Panai en daar op mijn komst te wachten. Met de overige koelies vertrok ik op 3 September op het stoombootje van den Resident, de Karimata, naar Sëmitau, waar ik mijn uitrusting voor den grooten tocht completeerde.

Daar ik niet voornemens was in het huis der Borneo-expeditie te Sëmitau terug te keeren, zond ik al mijn collecties en goederen naar Sintang, waar de assistent-resident Snellebrand zich bereid verklaard had alles voor mij in bewaring te nemen. Van Sëmitau had ik gelegenheid op 5 September met de stoombarkas Poenan verder te gaan tot Boenoet, waar ik den volgenden dag aankwam. De pangeran van Boenoet, een jeugdige opiumschuiver, gaf mij hier een van een fraai zegel voorzien schrijven mede, dat mij hulp en medewerking van de kamponghoofden te Na. Sëbilit en te Lëmatak zou verzekeren. Later bleek echter dat deze hoofden niet konden lezen en de vorstelijke brief had niet het allergeringste effect op hen. Ook beloofde de pangeran mij, dat hij mij met een snelvarende schuit zou volgen en mij tot in het gebergte op mijn tocht zou vergezellen, welke belofte hij echter gelukkig niet hield. Te 11.30 a. m. vertrok ik van Boenoet in twee vaartuigen, een kleine bidar en een open roeibootje, dat door de inlanders een pëléle werd genoemd. Het water in de Boenoet was laag en de vaart uitermate eentoonig tusschen de hooge slijkwallen, die bij dezen waterstand de rivier aan beide zijden omzoomden. Gelukkig bleek de pintas Kadap nog niet droog te zijn, waardoor wij 2^ KM. konden afkorten, en nog denzelfden avond Na. Toewan bereikten , waar wij op een zandbank overnachtten, waar het wemelde van muskieten.

Te 4 p. m. passeerden wij de Bojan-rivier en vorderden dien 7 Sept. dag nog drie kilometer tot aan Landau, een kleine vestiging van Kantoek Dajaks. Ik zag hier visch vangen met werpspie-

Sluiten