Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het type van den Bt. Tandok, tusschen welke zich de Samba in groote bochten kronkelt. Bij iedere bocht waren de oevers in den regel steil en rotsachtig en vrij talrijk waren de rolsteeneilanden, die wij voorbij kwamen. De karangans waren hier opvallend rijk aan versteend hout. Het vaste gesteente aan de oevers is uitsluitend van vulkanischen aard, meestal andesiet of andesiet-tuf. Het fraaiste punt scheen mij de plaats, waar de rivier de Tapi-heuvelreeks, zoo genoemd naar den 227 M. hoogen Bt. Tapi, dicht bij den linkeroever der Samba gelegen, doorsnijdt. De rotswanden aan den oever zijn hier 7 Meter hoog; zij bestaan uit doleritischen bazalt. De heuvels van de lapi-reeks zijn kegelvormig maar veel minder steil dan de Bt. landok. Zonder "twijfel zijn deze heuvels uit vulkanische gesteenten opgebouwd; de heuvels, die het dichtst bij de Samba zijn gelegen, bestaan uit doleritischen bazalt. Beneden de Tapi-heuvels wordt langs de oevers weder andesiet en andesiet-tuf aangetroffen, op vele plaatsen bedekt door leem en grint, waarop weder zand rust Te 11 a. m. bereikte ik het punt van samenvloeiing van de Bërahooi met de Samba. De Bérahooi is de belangrijkste zijrivier van de Samba; zij doet in waterrijkheid niet veel voor deze onder en is bij haar mond nagenoeg even breed als de Samba. De Bërahooi moet in het bergland ten Noorden van den Bt. Moehoet ontspringen, terwijl zij een groot deel van haar water uit het Moehoet-gebergte ontvangt. De Bërahooi is een belangrijke verkeersweg, waarlangs men van het stroomgebied van de Samba de Boven-Kahajan kan bereiken.

Schwaner *) deelt hieromtrent, naar door hem van inlanders ontvangen inlichtingen, mede : „ Men vaart de Bërahooi een halven dag lang naar boven tot Toembang Papo aan den linkeroever. Na dit riviertje nog gedurende een half uur vervolgd te hebben, stapt men aan wal en gaat over de waterscheiding (welker

1) C. A. L. M. Schwaner. 5/, p. 122. 1854.

Deze opgave komt niet volkomen overeen met hetgeen men in hetzelfde werk II, p. 70 vindt aangeteekend. Daar wordt vermeld, dat de Papo zich niet onmiddellijk m de Bërahooi uitstort, maar eerst in de Tangooi, welke weder een zijrivier van de Bërahooi is.

Sluiten