Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

len niet veel in stroomsnelheid en in rijkdom aan water en ge¬

transporteerd steengruis. Het resultaat is in dit geval steeds, dat een karangan ontstaat, uit gemengd materiaal bestaande. Echter kan de mate van ontwikkeling van die karangans zeer verschillen.

b

Zijn de oevers bij het punt van samenvloeiing hoog en steil, waarbij tevens het rivierbed gewoonlijk min of meer vernauwd is, dan is de ka-

Fig. 80. Karangan met afgesnoerd rangan onbeduidend (rig. 81), zooals

poelau karangan. ^jjv ^ samenvl0eüng yan de

Kapoewas en de Këryau en van de Kapoewas en de Boengan, wat door de groote stroomsnelheid bij het vereenigingspunt wordt verklaard; zijn daarentegen de oevers laag en de rivieren eenigs-

5i. Oevers hoog en steil,

geen karangan.

Fig. 82. Oevers laag.

zins verbreed, dan ontstaat een aanzienlijke karangan (Fig. 82) zooals bijv. bij de samenvloeiing van de Boengau en de Poeroe. Verschillen de beide rivieren bij haar punt van samenvloeiing

weinig in stroomrichting, dan is de kans voor het ontstaan van een karangan gering (Fig. 81); hebben zij daarentegen een min of meer tegen-

gesteld verloop (Fig. 83) dan wordt

Fig. 83. een karangan nimmer gemist, iien

goed voorbeeld voor het laatste levert de Tëpoewai, waar zij zich met Gaang vereenigt.

Sluiten