Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II. bij den bagagelrein:

A. per veldeskadron,

a. op het pakpaard tot vervoer van spring- en ontstekingsmiddelen: 2 kisten tot springmiddelen, elk inhoudende 4 tasschen a 2 ladingbussen en 1 tasch tot springpatronen (als boven);

2 "kisten tot ontstekingsmiddelen, waarvan de eene met 4 stellen tasschen A en B (als boven);

de andere met 4 tasschen C. (6) tot ontstekingsmiddelen;

é. op een voertuig:

4 patjols met schoen,

4 golloks met scheede,

4 bijlen met foudraal en riem,

2 pikhouweelen met foudraal, koker en riem,

2 avegaars met foudraal.

B. bij den Staf van vereenigde eskadrons op een voertuig:

1 kist tot springmiddelen met 36 ladingbussen,

1 kist tot ontstekingsmiddelen met 4 stel van 3 blikken trommels (6).

E. Artillerie.

Samenstelling en indeeling van afdeelingen Bereden-Artillerie op -voet van oorlog, zie Tabellen VII en VIII.

§ 28. De velduilrusling aan revolverpatronen bedraagt, per revolverdragende, 18 patronen, welke alle »bij den man" worden vervoerd.

F. Genietroepen.

Samenstelling der afdeelingen Genietroepen, zie Tabellen IX en X.

§ 29. De gereedschapsuitrusting van een compagnie Genietroepen wordt verdeeld in de gereedschapsuitrusting van den man en de velduitrusting die tot den gevechtstrein behoort.

§ 30. De gereedschapsuilrusling van den man is gelijkmatig over de 4 sectiën van eene veldcompagnie en over de 2 sectiën der spoorwegafdeeling verdeeld en bedraagt:

per sectie van eene veldcompagnie:

2 avegaars,

2 traceerkoorden,

1 koker tot meetband,

1 » » beitel,

1 » » spijkers,

1 moker,

(6) Voor de volledige inhoudsopgave zie de Algemeene Order n° 3 van 1904, zooals die is gewijzigd bij de Algemeene Order n". 117 van 19Uö.