Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de hoogte zijn van de bewerkingen met repeteerende breuken en van de verschillende talstelsels, een vraagstuk op als dit: Een rechthoekig stuk land, lang 31,3 Dekameter, breed 37V4 Meter, wordt verkocht tegen 960 gld. de Hektare. Er komen 6,1 percent aan onkosten bij. Wat moet de kooper betalen, uit te drukken in guldens en centen. Wellicht krijgt de helft een onjuist antwoord. Toch leert de school voor 't leven, en dit weet later niets van repeteerende breuken en van 't zestallig stelsel, maar wel van berekeningen, soms minder eenvoudig dan het vraagstuk van zoo even.

De meeste van de tegenwoordig in gebruik zijnde rekenboeken leiden hiertoe, 't Is zóó erg, dat leerlingen, die bij 't oplossen van een vraagstuk geen rond getal tot antwoord krijgen, dikwijls a priori veronderstellen, dat de som niet uitkomt, dus fout is.

Het tweede, wat opvalt, is dit. Het Programma verlangt, en de onderwijzer in de lagere school verlangt eveneens, eene beredeneerde oplossing der vraagstukken. Nu kan echter, wat goed is op zich zelf, door overdrijving licht in iets verkeerds overgaan. Men verlangt van de leerlingen der lagere school dikwijls zulke ellenlange redeneeringen, zulk een angstvallig nauwkeurige ontleding van het denkproces, dat men meenen zou met jeugdige philosoofjes te doen te hebben. Als in een vraagstuk voorkomt, dat 3 kippen 1 gl. kosten, dan zal op menige school, ook in de hoogste klasse, een leerling zich wel wachten zoo maar zonder meer op te schrijven, dat naar dien prijs een dozijn

7.

Sluiten