Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik wensch omtrent ieder examenvak afzonderlijk een paar woorden in 't midden te brengen, en begin daartoe met het Nederlandsch.

Als men alle 1U8 candidaten door elkaar rekent, behaalden dezen voor schriftelijk Nederlandsch 41/'(i*) en voor mondeling Nederlandsch 43/4. Dus onze lagere scholen, die leerlingen afleverden voor het examen, konden, dooreengenomen, het onderwijs in onze moedertaal niet zoo vruchtdragend maken, dat hunne meest gevorderde leerlingen, „zich in het Nederlandsch goed wisten uit te drukken en bekend waren met de beginselen der Nederlandsche Spraakkunst".

De aspiranten toch konden het, gemiddeld, noch bij 't schriftelijke noch bij 't mondeling examen voor het Nederlandsch, brengen tot het cijfer 5 = even voldoende; mondeling en schriftelijk saamgenomen, was het niet eens voluit 41/2.

Zekei', het Nederlandsch heeft voor onze Indische jeugd eigenaardige moeielijkheden, ik behoef wel niet terug te komen op hetgeen ik kort geleden daarover schreef in dit blad, maar toch de cijfers zijn zóó laag, dat het onze verwondering moet wekken. Op onze lagere scholen wordt ijverig gewerkt, op de bijzondere scholen zelfs hard, voor de leerlingen misschien wel eens onverantwoordelijk hard, en des ondanks bleven de candidaten, die

*) 10 lieteekent uitmuntend. 9 » zeer goed. 8 » goed. 7 » ruim voldn. 6 » voldoende.

5 beteekent even voldn.

■A • onvoldoende.

3 - gering.

2 - zeer gering.

1 » geen.

Sluiten