Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eisch des tijds genoemd mag worden.

Verder heet het, dat de onderwijzers op de Buitenbezittingen niet op de hoogte kunnen zijn of blijven van de exameneis:hen, „want natuurlijk, evenals alles op de wereld, veranderen die ook onmerkbaar". Daarop zou ik willen antwoorden: laat in de eerste plaats de leeraarsexaminatoren tegen die „natuurlijke, onmerkbare verandering" waken, want zoolang het programma 't zelfde blijft, behooren de exameneischen zooveel mogelijk ook in de praktijk dezelfde te blijven. De examinator is een soort van admistratief rechter, die recht moet spreken volgens de wet, d. i. volgens het programma, en geenszins volgens zijne subjectieve opvatting van hetgeen wenschelijk zou zijn. Hij behoort zich zoo nauwkeurig mogelijk rekenschap te geven van den inhoud, naar letter en geest, van de wettelijk voorgeschreven eischen voor het examen, en ook voor hem geldt, dat hij „in geen geval de innerlijke waarde of billijkheid der wet (hier van het programma) mag beoordeelen'.

De belanghebbende onderwijzers kunnen zich heel gemakkelijk een exemplaar van dat examenprogramma aanschaffen. Een aanvraag aan een der directeuren van de drie Hoogere Burgerscholen zal daartoe wel voldoende zijn. Indertijd heb ik de eischen voor het admissie-examen in „Het Onderwijs" opgegeven en ze daarbij eenigszins uitvoerig besproken in No. 16 en No. 17 van den jaargang 1896. (Men zie ook No. 25 en No. 26 van hetzelfde jaar).

Verder ligt het wellicht op den weg van de

Sluiten