Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ad Artikel 3.

(4) Gewone deelgenooten zijn de militairen, bedoeld in artikel 2 en de gewezen (J) militairen, bedoeld in artikel 3 § 1.

Facultatieve deelgenooten zijn de gewezen (*) militairen, bedoeld in artikel 3, §§ 2 en 3.

(5) Deelgenooten, die bij het verlaten van den militairen dienst geen deelgerechtigde betrekkingen hebben, houden alsdan op deelgenoot te zijn. Zij behouden niettemin hunne c. q. bestaande aanspraak op restitutie van contributiegelden, bedoeld in artikel 13 § 1.

(6) Wanneer gepensionneerde of gegageerde militairen het genot van hun pensioen of gagement t ij d e 1 ij k missen (wegens veroordeeling tot gevangenisstraf enz.), wordt dientengevolge het (gewone) deelgenootschap in het fonds niet door hen verloren. (Zie ook toelichting 17).

(7) Het ligt in de bedoeling, dat ook de deelgenooten (met deelgerechtigde betrekkingen), die, ofschoon bij hun ontslag uit den militairen dienst recht op pensioen of gagement kunnen doen gelden en nochtlians het Leger met paspoort verlaten en dus niet in het genot van pensioen of gagement worden gesteld, hun (gewone) deelgenootschap behouden.

Zij zullen echter voorloopig als facultatief deelgenoot zijn aan te merken, tot tijd en wijle zij in het genot van pensioen of gagement worden gesteld en dus voldoen aan de voorwaarde, vermeld in het slotgedeelte van artikel 3 § 1; alsdan worden zij aangemerkt als gewoon deelgenoot, gerekend van af het tijdstip van ingang van hun pensioen of gagement.

Treedt echter een gewezen militair, alsvoren bedoeld, op nieuw in dienst, zonder in het genot van pensioen of gagement te zijn gesteld, dan blijft hij over den tijd gedurende welke hij tiit den dienst is geweest, aangemerkt als facultatief deelgenoot.

(Zie ook toelichting 8).

O Gewezen militairen, die vóór het verlaten van den dienst geen deelgenoot waren, kunnen nimmer deelgenoot worden.

Sluiten