Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zendeling werd medegedeeld. Het was echter zaak om tot het einde van den regentijd te wachten met de uitzending, en zoo bleven er nog eenige maanden ter voorbereiding over. In dien tyd kon zendeling Keiszer hen nog verder onderrichten en voor hun ambt opleiden, wat ook hunne begeerte was; ook werden er boden gezonden naar de Hepu's, dieper landwaarts in, om te vragen, of zij de vier evangelieboden wilden ontvangen. Dezen waren daartoe bereid, doch na eenigen tijd kwam het verontrustende bericht, dat een naburige stam den Hupe-stam dreigde om, als zij hunne afgoden verlieten, hen zelf en de Christenpredikers te dooden.

Dit bericht veroorzaakte eerst wel eenige ontsteltenis, maar spoedig zette ons viertal alle vrees en angst ter zijde, en besloot om zich door niets van hun voornemen af te laten brengen. Nog waren alle toebereidselen voor de uitzending niet gereed, of reeds eenige van de Hupe-stam kwamen om hunne vier leeraren met hunne bezittingen al te halen, zoodat reeds den volgenden Zondag, 6 September 1908 de inzegening plaats had, waarbij Zendeling Keiszer tot tekst nam Matth. 10:16: «Zie ik zend u als schapen te midden der wolven, zyjt dan voorzichtig als de slangen en oprecht als de duiven." Daarna kwamen de vier broeders naar voren en werd hun gevraagd: «Wilt gij uw leven doorbrengen onder de heidenen; wilt gij vlijtig arbeiden en hun door uwen wandel toonen, wat het onderscheid is tusschen Christenen en heidenen; wilt gij vlijtig arbeiden en hun daardoor een goed voorbeeld geven en wilt gij uw leven lang trouw blijven aan het Woord Gods?" Nadat zij allen deze vragen met „ja" beantwoord hadden, werden zij tot hun nieuwen dienst ingezegend. En toen verder op den dag nog een afscheidsfeest plaats had gehad, waarbij menig goed woord werd gesproken en

Sluiten