Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

begrijpen. Da geringe zelfstandigheid van den inlander verklaart het verschijnsel voldoende. Maar dit bewijst tevens dat voor de opvoeding van de inlandsche Christengemeenten tot zelfstandigheid, het Roomsch-Katholicisme zich veel minder leent dan het Protestantisme. In de opvoeding immers moet men altijd iets wagen; en waar het geldt de inlandsche Christengemeenten onder leiding van inlanders te stellen, daar zullen de Roomschen veel langer moeten wachten eer zij dit waagstuk durven bestaan dan de Protestanten.

In het bovenstaande heb ik mij met opzet onthouden van een bespreking van den arbeid der zendelingen onzer vereeniging. Ik meende dien grootendeels als bekend te mogen onderstellen. Een paar opmerkingen echter mogen mij veroorloofd zijn.

Toen in 1855 de eerste zendelingen in Nederlandsch Nieuw-G-umea aankwamen was er van geregeld bestuur aldaar nog geen sprake. Toch waren de omstandigheden aldaar des tijds gunstiger dan toen in 1871 het werk op Engelsch Nieuw-Guinea begon en ook toen in 1875 de Australische broeders op den Bismarck-Archipel zich vestigden. Daarentegen hebben de ongunstige politieke toestanden op deze terreinen veel korter geduurd. In 1884 werd het Engelsche Protectoraat afgekondigd. In den Bismarck-Archipel begon het Zendingswerk in 1875 en in 1884 werd het Duitsche Bestuur ingevoerd. Zonder twijfel zijn deze gebeurtenissen van invloed geweest. Chalmers roemt zeer het Engelsche bestuur en laat zich dankbaar uit over verschillende besturende ambtenaren. Ook over het Duitsche Bestuur in den Bismarck-Archipel wordt met waardeering gesproken. In Kaiser Wilhelmsland begon de zending pas na de Duitsche occupatie. Van 1884 tot 1899

Sluiten