Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stilzwijgend luisteren de Koerden; de spanning neemt toe — ja — Simon zelf wordt meegesleept door het overweldigende van zijn onderwerp — na de woorden: „De meeste van deze is de liefde" zwijgt hij, zijn doordringenden blik op den Scheik gevestigd. „G-ij hebt gelijk" zegt de Koerde; „dat staat in den Koran niet. De Bijbel is goed. Hebt gij een wensch, spreek hem dan uit." S. de K. toonde hem nu wat het voor een ieder waard is, het boek te kunnen lezen, waar deze woorden in staan, en eindigde met den wensch te uiten, hier een school te mogen oprichten. Het werd hem toegestaan, „en vei volgde de Scheik — „Uw eerste leerling zal mijn zoontje zijn!" Zoo is het geschied, het zaad van Gods woord is . in dit kinderhart uitgestrooid; wie zal zeggen welke vruchten het kan dragen? —

Wij moeten niet meenen dat alle Koerden vijandig tegenover het Christendom staan. Integendeel! Menig Koerdenvorst is den Christenen welgezind. Het was een Koerden-Scheik die eens 400 Syriers op hun reis uit de bergen naar de familie de Kelaita beschermde en begeleidde. Deze Nestorianen waagden een poging om als landverhuizers Rusland te bereiken. Of het hun gelukt is weet ik niet, maar het is waarschijnlijk, dat een aantal van hen dooi tegenwerking van de regeering Koerdistan niet heeft kunnen verlaten, terwijl anderen tengevolge van de groote ontberingen onder weg bezweken zijn. Een ander bewijs van hun vriendschappelijke verhouding is, dat een van de broers van S. d. K. jaren lang een stuk land van een Koerde pachtte, met wien hij in de beste verstandhouding leefde. Rondom zijn woning ontstond een bloeiend dorpje dat helaas in den oorlog gedeeltelijk vernield is.

Menigmaal kon Elizabeth de Kelaita de groote belangstelling gadeslaan, waarmede Koerden-Scheiks godsdienstige

Sluiten